blog archief

Pijlstaarten en meer zomernieuws

Weergaven: 195

 

 

Rups van Lindepijlstaart (Mimas tiliae; foto MarjoleinMartveld). Marjolein trof deze prachtige rups op fietspad in Scheldedal.  De rups is 6-6,5 cm lang, de haakvormige pijl is mooi zachtblauw. De rups verpopt in de strooisellaag of ondergronds.

Echtpaar Vermeer trof in juni een parend paartje Lindepijlstaartvlinders aan op de deur van een schuur (Capelseweg). De vlinder is 2,5-4 cm groot. Waardplanten zijn vooral  Lindesoorten, maar ook Ruwe Berk, Zwarte Els, Iep en Kers. Slechts 1 generatie per jaar, de vlinder zelf kan niet eten.

 

 

 

Pijlstaartvlinders (familie Sphingidae) zijn grote nachtvlinders (“macro’s”). Van de 18 inheemse soorten zijn in Capelle tot nu toe naast Lindepijlstaart de volgende vastgesteld: Windepijlstaart (zie vorige blog), Ligusterpijlstaart, Kolibrivlinder (is ook overdags actief), Populierenpijlstaart en Groot Avondrood. Afbeeldingen en achtergrondinfo in mijn blogs zijn terug te vinden via de zoekfunctie. Vind u ook een pijlstaartrups of -vlinder? Laat  het ons weten via de website.

 

Zuringrandwants (Coreus marginatus). Wantsen zijn insecten met een onvolledige gedaantewisseling. Uit de eitjes komen nymfen: een mini- wantsje (dus geen rups of made). Deze nymfen vervellen een aantal keren als ze uit hun jasje zijn gegroeid totdat het volwassen wantsen zijn. Wantsen hebben een plat lichaam en kunnen goed vliegen. De zuringwandwants leeft van plantensappen van vooral Zuringsoorten (Rumex-spp.), maar ook van Duizendknoopsoorten (Polygonum-spp.) en Rabarber. Het sap wordt opgezogen via een soort steeksnuit. Bij aanraking scheiden ze een stinkende vloeistof af die moeilijk is te verwijderen. Op de foto 3 exemplaren die zich laafden aan de zomerzon in Schollebos.

 

Citroenlieveheersbeestje (Psyllobora vigintiduopunctata). Ook wel Tweeëntwintigstippelig Heersbeestje genoemd (viginti = 20, duo = 2, punctata = stippels). Die 22 stippen zitten op de dekschilden; daarnaast nog 5 stippen op het halsschild. Dit heersbeestje leeft van meeldauw op bladeren (daardoor verspreidt het dit meeldauw ook!) en is algemeen. Er zijn in Nederland zo’n 60 soorten Lieveheersbeestjes (familie Coccinellidae) en ze behoren tot de Kevers (Coleoptera). Het aantal stippen zeg niets over de leeftijd van heersbeestjes!

 

 

Rode Amerikaanse Rivierkreeft (Procambarus clarkii). In Schollebos een voetpad overstekend en overdekt met zand. Een zeer schadelijke invasieve exoot, die – hoe vreemd ook – nog steeds wettelijk beschermd is. Ze eten alle waterplanten, kleine inheemse diertjes en ondergraven oevers en dijken. Wat SNC betreft: beschermde status zo snel mogelijk opheffen en vrijgeven voor vangst. In Capelle overal aanwezig in sloten en vijvers. Na regenbui in voorjaar/zomer trekken mannetjes erop uit om een vrouwtje te zoeken om te paren en vrouwtjes om hun eieren af te zetten. Is moeilijk voor leken om te onderscheiden van Europese Rivierkreeft, maar die komt in Nederland nog maar op 1 plekje voor (vandaar beschermde status voor alle rivierkreeftsoorten). De Amerikaanse soort is overbrenger van de kreeftenpest: zelf redelijk immuun daarvoor, maar dodelijk voor de Europese Rivierkreeft.

 

Esdoornvlekkenzwam (“Inktvlekzwam“, Rhytisma acerinum). Op de bladeren van de Esdoorn als zwarte “inktvlekken” in nazomer/herfst te zien. De zwam overwintert in de afgevallen bladeren. Pas wanneer de Esdoorn weer in voorjaar nieuw blad heeft gevormd komen de sporen vrij om dit nieuwe blad weer te besmetten. Hoe slim! Zeer algemeen. De boom ondervindt weinig schade.

 

 

 

 

Bruinrode Heidelibel (Sympetrum striolatum; vrouwtje). In mijn achtertuin met flinke vijver steeds op zelfde uitvalsbasis om regelmatig op te vliegen om een klein insect te verschalken. Behoort tot de familie Korenbouten (Libellulidae). Mijn eerste exemplaar van deze soort hoewel het een algemene soort is. Andere heidelibelsoorten in Capelle zijn Bloedrode en Steenrode Heidelibel. In totaal zijn in Capelle ruim 20 soorten libellen waargenomen. Voor goede waarneming/foto’s zijn een goede verrekijker of telelens heel handig (je kan dan op afstand blijven).

 

 

 

Gewoon Wimperzwammetje (Scutellinia scutellata). Het leek wel een gekleurde punaise. 0,5-1 cm doorsnee. Normaal duidelijk zichtbare zwarte wimperdraadjes langs de rand, maar hier nauwelijks meer te zien (mede door mijn schuld door uitgebreid te voelen). Op dood hout, algemeen, maar ik zie ze echt maar zelden terwijl ik er altijd attent op ben. Schollebos.

 

 

 

 

De eerste “echte” herfstpaddenstoelen zijn al weer te zien:

Gewone Zwavelkop (Psilocybe fascicularis).

Zeer algemeen op dood hout. Altijd in grote groepen. De hoed met zwavelkleur. Giftig. Schollebos.

 

 

 

 

 

 

 

Weinig vogelnieuws. Bosuil laat zich weer horen in Schollebos. Gierzwaluwen zijn weer vertrokken naar Zuid-Afrika. Twee uitgevlogen sperwerjongen waren ruim 1 week langs Spartavelden in Schollebos te zien en te horen. IJsvogels waarschijnlijk bezig met 2e of 3e broed in Schollebos.

Nog steeds Blauwalg aanwezig in Schollebos. SNC blijft voorlopig testen.

 

 

 

One Response to Pijlstaarten en meer zomernieuws

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *