Zegt het voort!

blog archief

Volop Lentenieuws

Lente, het mooiste seizoen. Nieuw leven, terugkerend leven. Bron voor mythes, sagen en andere volksoverleveringen. Voor natuurliefhebbers altijd spannend wanneer de eerste vogelsoorten weer terugkeren uit hun overwinteringsgebieden in Afrika, de eerste voorjaarsbloeiers bloeien, de eerste vlinders, hommels, bijen, libellen, enz. weer rondvliegen.

Het ooievaarspaar van vorig jaar heeft nu opnieuw een nest van 3 jongen. Het nest is te zien langs de ‘s-Gravenweg-west. (foto Ben Pleij). De jonkies zijn nog echt jong! Wordt echt een blijvertje waar Capelle trots op mag zijn!

 

 

 

 

 

Landkaartje (Araschnia levana) Betreft hier de voorjaarsgeneratie. Als deze zich voortplant, ontstaat de zomergeneratie en die ziet er totaal anders uit! De naam ‘Landkaartje’ slaat op de tekening aan de onderkant van de vleugels (vlekkerig-hoekige aftekeningen). Anton had hem te pakken in zijn volkstuin (Alexanderpolder)

 

 

 

 

 

 

 

Landkaartje, zomergeneratie.

In Capelle en omstreken weinige waarnemingen, maar de soort op zich is algemeen. Waardplant (waar de eitjes op afgezet worden en de rupsen van leven): Brandnetel!

We mogen als mens misschien een hekel hebben aan brandnetels, maar zij zijn van levensbelang voor zeker 8 dagvlindersoorten als waardplant! Alleen willen we als mens dat niet alles brandnetel wordt: kwestie van maatwerk in ecologisch beheer…..

 

 

 

 

 

Vorige week een overvliegende Gierzwaluw boven mijn  huis. Erg vroeg, tot nu toe geen andere exemplaren (oh ja natuurlijk: 1 zwaluw maakt nog geen zomer, maar Gierzwaluw is geen echte Zwaluw). Afgelopen weekeind 3 dagen gewandeld in Brabant: daar de/mijn eerste Huiszwaluwen gezien, Wielewaal gehoord (“dudeljoho” klinkt zijn lied) en aan te bevelen voor natuurwandelaars: Beerzedal en Dommel. Genieten van tussenstops in Brabantse gezellige cafeetjes. Het prachtige wandelweer droeg daar natuurlijk aan bij!

Frank Oling spotte in Hitland 3 Cetti’tain’tZangers (zie een vorige blog), een Spotvogel (Hippolais icterina), Purperreiger en Bosrietzanger (Acrocephalus palustris). Ook de Tuinfluiter (Sylvia borin) langs Golfbaanpad (Golfbaan Capelle). In Schollebos tot nu toe alleen Bosrietzanger en Tuinfluiter sporadisch waargenomen.

Bij Zevenhuizerplas Blauwborst, Snor en Woudaap waargenomen. Schitterende zeldzame vogels.

 

Blauwborst (Luscinia svevica; foto Peter Troost). Een “Want to see” voor vogelaars. Zomergast, overwintert in Zuid Europa/Afrika. Watergebied met riet en struikgewas.  Ook in Hitland aanwezig.

 

 

 

 

 

Snor (Locustella luscinioides; foto Peter Troost). Een typische vogel voor riet en moerasgebieden. Uiterlijk een vrij saai bruin vogeltje. Zijn zang is daarentegen zeer prominent: een vaak langgerekt gesnor/geratel. Ook een echte zomergast (hier broedend, overwintert in verre zuiden.

 

 

 

Vuurjuffer (Pyrrhosoma nymphula). Een van de vroegst vliegende libellen, algemeen. Afgelopen dag boven mijn tuinvijver. Overigens in Brabant afgelopen weekeind ook andere libellensoorten gezien.

 

Ultieme Lente

Lente. Nieuw leven. Voor mij altijd het mooiste seizoen. Voor Capelle in Schollebos nu bij uitstek te beleven. Bloesems  (Wilde Kers, Vogelkers, Sleedoorn, fruitbomen e.a.), voorjaarsbloeiers (Daslook, Look-zonder-Look, Boshyacinth, Vogelmelk, Bosviooltje, Pinksterbloem, enz.), na de vroegste vlinders nu ook de eerste Oranjetipjes; bijen en hommels, terugkerende broedvogels uit Afrika/Zuid-Europa, territoriaal vogelzang en geruzie alom. Geniet er nu van, want het is zoweer voorbij!

De meeste Capelse vaste broedvogelsoorten die in het verre zuiden overwinteren zijn al weer teruggekeerd. Afgelopen week ook de Visdief, Koekoek en Kleine Karekiet.  Het is nu nog wachten op de zwaluwen.

Kleine Karekiet (Acrocephalus scirpaceus). Een echt rietvogeltje. Bouwt zijn nestje in “Overstaand Riet” (=oud riet van vorig jaar): de stengels zijn stevig in tegenstelling tot die van vers riet. Heeft het daarom hard te verduren in Schollebos door te intensief riet maaien (en in recent verleden ook door massale schapenvraat en vertrapping oud riet). Ook is de Koekoek een bedreiging: in Schollebos is het nest van de Kleine Karekiet het doelwit om haar eieren in te leggen (1 ei per nest!). Maar tja, ook de Koekoek is een bedreigde soort…. Goed rietbeheer is dus van belang voor beide soorten EN ook voor andere rietbroeders zoals de Waterral.  Goed rietbeheer = gefaseerd maaien: 1/3e deel per jaar; tot nu toe wordt meer dan de helft per jaar gemaaid. Langs de Nieuwerkerkse Tocht waren doorgaans zo’n 12 broedende Kleine Karekieten aanwezig. Na het ‘Schapenexperiment’ en en huidige rietmaaibeheer tellen we hooguit nog maar 5 broedresultaten. Grotere rietkragen langs Nieuwerkerkse Tocht zijn potentiele broedplaatsen voor ook andere rietvogels zoals Rietzanger en Rietgors.  Rietbeheer is gezamenlijke verantwoordelijkheid voor Gemeente en Hoogheemraadschap Schieland. De Kleine Karekiet is moeilijk te zien, maar wel te horen: onder in het riet laat het mannetje zijn zang horen waarbij geluiden die klinken als “Karekiet” (De Grote Karekiet doet dat veel duidelijker en meestal hoog in het riet en dus zichtbaarder; komt spaarzaam voor in Hitland). Het rijmpje “Karekiet, Karekiet, ik hoor je wel, maar ik zie je niet” is dus zeer toepasselijk voor de Kleine Karekiet.

De Vogelbescherming (doet echt heel goed werk!!) heeft dit jaar uitgeroepen als het ‘Jaar van de Huiszwaluw’. Het ging – net als veel andere vogelsoorten – erg slecht met de Huiszwaluw.  In Capelle was van oudsher een semi-kolonie aanwezig langs Bermweg-oost. Zo’n 10 jaar geleden waren er echter nog maar 3 jaarlijks bebroede nesten over aan de gevel van 1 huis. Aan de gevels van andere huizen kan men nog steeds de “littekens” zien van huiszwaluwnesten die daar ooit gezeten hebben. Op initiatief van SNC zijn in samenwerking met Gemeente en leerlingen van een VMBO-klas toen zo’n 60 kunstnesten aangebracht. Ook werden kleipoelen gegraven in Schollebos, waar de zwaluwen kleibolletjes konden oogsten voor natuurlijke nestbouw (per nest zo’n 1200 kleibolletjes nodig!). Resultaat van eerverleden jaar was 25 bebroede nesten! Echter vorig jaar weer een dip. Oorzaken niet zeker: kleipoelen waren volledig dichtgegroeid, maar insectenbestand in Nederland 75% gereduceerd (Huiszwaluw = pure insecteneter). Op verzoek van SNC was gemeente bereid om nieuwe kleipoel te graven, waarvoor hartelijke dank! Nu nog een goed insectenbeheer!

 

Huiszwaluw (Delichon urbica). In de volksmond een geluksbrenger voor de huizenbewoners met huiszwaluwnesten. Overwintert in Afrika.

 

 

 

 

 

 

 

Firma Reijm bezig met aanleg nieuwe Kleipoel voor Huiszwaluw. Geen idee of gemeente dit betaalt of firma Reijm dit als “Sponsor” doet. In beide gevallen onze dank, maar het is altijd aardig om de begunstiger te vermelden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Look-zonder-Look (Alliaria petiolata). Heel algemene plant en nu uitbundig bloeiend. Naamgeving: “Look” = Ui. “Look-zonder-Look” is dus ‘Ui-zonder-Ui’; vernoemd naar de uiengeur van de bladeren (kneus het blad en je ruikt het direct). Het is echter geen uiensoort (geslacht Allium) zoals het ook massaal in Schollebos voorkomende Daslook dat nu ook volop in bloei staat. Hij behoort tot de familie der Kool-achtigen (Brassicaceae), voorheen (mijn voorkeur) Kruisbloemigen (Cruciferae), vernoemd naar de 4 kroonblaadjes die kruiselings op elkaar gepositioneerd zijn. Het is een heel belangrijke waardplant voor het wettelijk beschermde Oranjetipje, een kleine dagvlindersoort die ook schaars in Schollebos voorkomt.

 

 

 

 

 

Oranjetipje (Anthocharis cardamines).

Toch nog maar een keer genoemd. Wettelijk beschermde soort. Waardplanten Pinksterbloem, Look-zonder-Look, Raapzaad (alle in Schollebos aanwezig) en andere Kruisbloemigen (Brassicaceae=Cruciferae).

Kleipoel en Engeltje of Duveltje?

Dinsdag eerst met firma Reijm uitvoerig contact gehad op locatie “Oude Ooievaarspaal” in Schollebos over het graven van een kleipoel voor de Huiszwaluwen langs de Bermweg. Was een nuttig gesprek (en niet alleen over de kleipoel). Gaat woensdag of donderdag gebeuren. Ga foto’tain’tmaken voor blog en (?) IJssel en Lek krant.

Later in de middag ontmoette ik Louis, een van mijn waarnemers. Samen een deel door Schollebos gelopen. Opeens een wel zeer opzichtige zwam op een oude omgevallen berk. Een overdreven dikke bult met bijzonder bochtige uitwaaieringen langs de vlakkere randen. Kennelijk is dat ook iemand anders opgevallen: in de bult heeft die een gezichtje gemaakt door er 3 gaatjes in te prikken. Ben er niet uit of het lijkt op een engeltje of een duveltje:

 

Berkenzwam (Piptoporus betulinus; foto Louis Weterings).

Algemeen op levende en dode Berken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pinksterbloem (Cardamine pratensis).

De eerste bloeiende pinksterbloemen vandaag. Familie van de Kruisbloemigen (Nu = Brassicaceae = Koolsoortachtigen, voorheen = Cruciferae = Kruisbloemigen: de 4 kroonblaadjes kruiselings tegenover elkaar). Bloeit nu omstreeks Pasen, maar in de ‘Kleine IJstijd’ (paar eeuwen terug) pas omstreeks Pinksteren. Belangrijke waardplant voor het beschermde Oranjetipje, een dagvlindertje dat ook in Schollebos voorkomt, maar nog in beperkte mate.

 

 

 

Verder afgelopen dag: Sperwer, Buizerd op nest, Wijngaardslakken, vrolijke mensen, enz. Mooiste seizoen, genieten dus!!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Even bijpraten

Lente is zo’twerebelevenisvol seizoen, dat moeilijk in korte blogjes is te vervatten. Explosie van voorjaarsbloeiers, de eerste vlinders, paddentrek, voorjaarstrek van vogels, enz. Toch een poging.

Lente-excursie 7 april 2018 (foto Yvonne Commijs). Een schitterende lentedag. 20 Enthousiaste deelnemers. Voorjaarsbloeiers, Vogelzang, Wijngaardslak, Roodwangschildpad en een spetterende luchtshow van Buizerdpaar met jennende Kraaien.

 

 

 

 

 

 

Buizerdpaar tijdens lente-excursie boven Schollebos (foto Laurent Jedeloo). Vrijwel zeker weer broedend in Schollebos (locatie houden we geheim om verstoring te voorkomen).

Deze week zelfs 5 Buizerds tegelijk boven west-Schollebos . Geen idee hoe dit in elkaar zit: 1 paar met jong van vorig jaar (regelmatig 3 buizerds samen te zien) en 2e paar? Doortrekkers? (veel overwinterende buizerds keren in voorjaar weer noordwaards terug).

 

 

 

Zeker nog 3 paartjes Krakeenden, mogelijk (waarschijnlijk?) broedpaartjes in Schollebos? Een late wintergast , Beflijster, was afgelopen woensdag nog op Spartaterrein. Vandaag 2 Witte Kwikstaarten op weitje tussen pannenkoekenhuis en boerderij langs Bermweg.

Witte Kwikstaart (Motacilla alba).

In tegenstelling wat men zou mogen verwachten is deze voor Nederland algemene broedvogel in Capelle toch maar een zeldzame waarneming. Tot nu toe alleen maar toevallige en spaarzame waarnemingen. Foerageert op akkers, weilanden op insecten en is daar rennend op jacht te zien.Nestelt vooral in overdekte plekjes onder bruggen, dakgoten, langs oevers, enz. Er waren in voorgaande jaren wat meldingen van Witte Kwikstaarten langs Bermweg-Oost. Toch een  broedsoort in Capelle?

 

 

 

Bij de vaste broedoever van de IJsvogels in Schollebos is tot nu toe geen enkele broedactiviteit. Wel wat sporadische meldingen van IJsvogel. Zou voor het eerst sinds vele jaren zijn als ze hier niet meer zouden broeden. Nog even in spanning afwachten dus.

Daslook begint met bloeien: nog even en een prachtige witte bloemenzee met aangename uienlucht (maar geursmaken verschillen). Ga volgende week hiervan genieten!

Daslook (Allium ursinum). Een zogenaamde Stinseplant. “Stins” = oud-Fries voor ‘Stenen Huis’: alleen rijke mensen konden zich stenen huizen (kastelen, kloosters, herenboeren) veroorloven en verrijkten hun tuinen met planten uit vooral Middelandse Zee gebied (denk ook aan tulp, narcis, enz.). In Schollebos aangeplant en in voorjaar nu massaal aanwezig. Een beschermde plant. Heb ook deze week weer een paar chinese dames erop aangesproken nadat ze al tassen vol bladeren hadden afgesneden (zowel blad als uitje zijn eetbaar).

 

 

 

 

O.a. langs de oevers van de nieuwe vijvertjes achter de Capelseweg nu volop bloeiende Dotterbloemen. Nog even afwachten wat andere planten doen die SNC samen met vrijwilligers daar hebben geplant.

Dotterbloem (Caltha palustris).  Typische plant van natte oevers, lid van de grote familie van ‘Boterbloemachtigen’ (Ranunculaceae). Soms 2e bloei in nazomer.

 

 

 

 

 

 

 

Afgelopen vrijdag een uitstapje naar Zevenhuizerplas (o.a. Snor, Rietgors, Kleine Karekiet) en plasdrasgebied naast de Willem-Alexander Roeibaan (Tureluurs, broedende Kievieten, zingende Veldleeuwerik en paartje Geoorde Fuut).

Komende week: samen met gemeente en firma Reijm nieuwe kleiputten aanleggen voor de Huiszwaluwen langs Bermweg-Oost. Overleg met SBS over uitzending over gemeentelijke geldverspillingen. Afspraak met politie over milieuovertredingen Schollebos.

 

Nogmaals Beflijster en wat lentenieuws

U hebt al het filmpje kunnen zien van de Beflijster op het Spartaterrein Schollebos. Diverse vogelaars zijn ook de dag erna nog “op jacht” geweest met telelenzen. Het is immers een zeldzame waarneming, zeker voor Capelle. Voor mij was het mijn eerste Beflijsterwaarneming in Nederland. Kreeg diverse foto’tain’tvan Jan, Rob en Ben, waarvoor dank! Afgelopen donderdag gemaakt en… er waren zelfs 2 Beflijsters!

Beflijster (Turdus torquatus; foto Ben Pleij). Zoals de naam al zegt, een lijstersoort. In de vluggigheid gauw over het hoofd gezien als zijnde een man-merel. Duidelijk verschil is echter de halvemaanvormige witte bef net onder de keel. In Nederland uitsluitend een doortrekker: geen wintergast, geen broedvogel. Broedt in kustgebieden van Skandinavie, in Engeland/Ierland en delen van zuid-oost Europa. Overwintert o.a. in zuid-Spanje en Noord-Afrika.

 

 

Hier een foto van Rob van Dorland: het waren er twee!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De lente neemt nu een reuzensprong. Matige temperaturen, zon en neerslag wisselen elkaar af: een zegen voor  de flora. De eerste vlinders zijn gesignaleerd (Citroenvlinder, Kleine Vos), hommelkoninginnen zijn driftig op zoek naar nectar van voorjaarsbloeiers om daarna een plekje uit te zoeken (een verlaten muizenholletje bijvoorbeeld) om daar haar eitjes te leggen en een nieuwe kolonie te vestigen. Diverse stinsenplanten bloeien al zoals Vingerhelmbloem, Bosanemoon. Daslook staat hier en daar al in de knop en over een week of twee zal deze prachtige stinsenplant het Schollebos naar uien doen geuren. Kakafonie aan vogelgezang. Aanstaande zaterdag onze Lente-excursie: prachtig weer voorspeld, ik heb er zin in! U ook?

Bosanemoon (Anemona nemorosa). Behoort tot de familie van Boterbloemachtigen (Ranunculaceae)

 

 

 

 

 

 

 

 

Vingerhelmbloem (Corydalis solida).

 

 

 

 

 

 

 

 

Speenkruid (Vicaria verna)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Sleedoorn (Prunus spinosa)

Langs Spartaterrein nu volop in bloei. Bloei op de kale takken (dus nog geen bladgroei). Een pruimensoort (Prunus) en lid van de Rozenfamilie (Rosaceae). Zoals de naam “Spinosa” zegt: de struik heeft flinke doorns.

 

 

 

 

 

Beflijster in Schollebos

Ruud Sterk ontdekte op 4 april een beflijster op het Sparta terrein. Hierbij een kort filmpje daarvan.

Echt Lente

Eindelijk echt lente op de kop af vanaf 21 maart. Zag mensen genieten in Schollebos. Gaat nu in razend tempo nadat de natuur zich had ingehouden vanwege kou en vorst. Mijn interessantste waarnemingen in staccato:

Kleine Watersalamander (Trituris vulgaris), man; foto wikipedia.

Een zeer algemene amfibiesoort in Nederland en ook in Capelle. Zelfs in kleine tuinvijvertjes!  Zelf heb ik een vrij grote vijver en vandaag zag ik een mannetje naar boven komen om lucht te happen. Zij overwinteren op het land in vochtige plaatsen (onder stenen, boomstompen, enz.). In voorjaar gaan ze weer te water om zich voort te planten. Eitjes worden een voor een afgezet op onderwaterplanten. De jonge nakomelingen verlaten in najaar het water om zich te verschuilen voor de winter. Voedsel: regenwormen, donderkopjes, muggenlarven en watervlooien. Prooidier van o.a. vissen, reigers, geelgerande watertor.

 

De eerste zingende Tjiftjaf (Phylloscopus  collybita). Een zomergast (broedt in zomer in Nederland) die overwintert in Zuid Europa en Afrika. Tegenwoordig ook overwinterende exemplaren (Klimaatopwarming?). Qua uiterlijk lastig te onderscheiden van andere Boszangers (geslacht Phylloscopus), maar het geluid van de “zang” is onmiskenbaar: “Tjiftjiftjaf”: ook een vogel die dus vernoemd is naar het geluid dat ze maken (een nederlandse stijlfiguur: Onomatopee).

 

 

 

 

 

 

Speenkruid (Ficaria verna)

Slechts 2 lentedagen waren nodig om het Speenkruid tot bloei te brengen. Al heel vroeg in het nieuwe jaar vormen ze al hun blaadjes die het zonlicht opnemen om energie op te slaan (dankzij het feit dat bomen pas veel later blad aanmaken krijgen ze dan ook dat zonlicht!). Familie van de Boterbloemachtigen (Ranunculaceae) en zich uitbreidend in Schollebos. De naamgeving ‘Speenkruid’: Speenkruid heeft wortelknolletjes die lijken op tepels (=Spenen).

 

 

 

 

Cetti’tain’tZanger (Cettia cetti). In Hitland-zuid de zeer kenmerkende zang van de Cetti’tain’tZanger. Zien van dit zangertje is lastig vanwege verborgen leven in dicht struikgewas. Tot enkele jaren geleden een zeldzame soort uit zuid-europa, maar oprukkend naar noorden (klimaat?). Nu dus ook al in onze omgeving.

 

 

 

 

 

Verder: Torenvalk, Grote Zilverreiger (beide Hitland), Ooievaar op nest (’tain’tGravenweg), Grauwe Gans met pullen (’tain’tGravenweg), Canadese Ganzen (’tain’tGravenweg), Grutto’tain’t(langs IJssel), Koperwieken (Schollebos) en echt veel meer om van te genieten!

Vossennest in kruipruimte (gefilmd)

Vossen zijn slim en passen zich snel aan aan omstandigheden. Langs de Capelseweg enige tientallen meters van mijn woning heeft een vossenpaar de kruipruimte van één van mijn buren in beslag genomen. Ondanks de soms vervelende stankoverlast hebben de bewoners besloten om geen stappen te ondernemen totdat de jongen (3 stuks) definitief het nest verlaten hebben. Zij hebben een paar filmpjes gemaakt die ik graag laat zien. Ze staan hieronder.

Maart roert zijn staart

Dacht ik eindelijk richting lente te gaan, gaat het nu weer vriezen. Ik houd mijn hart vast voor de nu al bloeiende planten (narcissen, crocussen, klein hoefblad, maarts viooltje). Afgelopen maandag mijn eerste vliegende Hommelkoningin en donderdag een Dagpauwoog die uit mijn tuinschuurtje kwam. Ook een wesp op onze slaapkamer en een vlieg in de voortuin. Zingende Merel, Zanglijster, Boomkruiper, Heggenmus en zelfs een Zwartkop die hier heeft overwinterd. De Smienten langs de Rijckevorsselweg zijn verdwenen en weer op weg naar hun broedgebieden in de toendra’s. Het ooievaarspaartje wordt weer regelmatig op hun broedpaal gezien waar ze vorig jaar met succes 3 jongen hebben grootgebracht. Het “tpie” van de Scholekster is weer overal te horen.  Meerkoetenpaartjes maken weer stevige ruzies met elkaar om hun territorium af te bakenen en Futen zijn al aan het baltsen. Allemaal tekenen van naderende lente, joechei! Toch ook nog grote troepen Koperwieken en enkele Kramsvogels in Schollebos als echte wintergasten. Het Fluweelpootje (een echte winterpaddenstoel) is ook nog overal in Schollebos te zien.

Ooievaar met jongen vorig jaar. Normaliter is de Ooievaar een trekvogel die overwintert in Afrika. De nazaten van gefokte ooievaars in ooievaarsstations blijven steeds vaker in den lande overwinteren. Het Capelse paartje heeft hier overwinterd. Wordt vrijwel zeker weer een mooi broedresultaat dit jaar. Deze week vlogen ze thermiekend boven de Capelseweg vlak boven mijn huis, geweldig!

 

 

 

 

 

 

 

Bloeiende Narcissen bij entree Sportcomplex Schenkel.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

|Maarts Viooltje (Viola odorata). In Schollebos op enkele plaatsen. Een grote concentratie ten oosten van Schollevaartseweg. Inheems, maar ook als tuinplant te koop. Verspreiding vooral door mieren: de zaadjes hebben een mierenboodje, een eiwitpakketje waar mieren dol op zijn. Zij nemen de zaadjes mee naar hun ondergronds nest en voeren dat aan hun larven. De zaadjes zelf blijven over en kunnen het volgende seizoen weer ontkiemen.

 

 

 

 

 

Dan het “Abelenbosje” in het Schollebos. Betreft zo’twere0,5 hectare met een kleine 100 Abelen. Paar jaar geleden zijn langs voetpad alle abelen al gekapt vanwege omgevingsgevaar ( extreme scheefstand).  In de laatste januaristorm zijn nu daar ook nog eens  zo’twere8 bomen omgegaan. Het bosverband wordt daardoor verbroken en er zijn ook nog diverse abelen met scheefstand. Bij een volgende storm zouden er geheid nog meer abelen sneuvelen. Gemeente heeft kennelijk besloten om het hele Abelenbos te kappen. Is dus gebeurd. Blijven wel paar vragen over: 1) waarom is ook een gezonde tweestammige Eik geveld en 2) wat gaat de gemeente aan herplant doen. Gaan we dus opheldering over vragen.

 

 

Achter dit bankje een stronk van een gezonde stevige Eik: zinloze kap (of lekker veel geld opleverend?).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Andere waarnemingen: 2 buizerdpaartjes hoog vliegend boven Schollebos, Waterral, Houtsnip, Puttertjes, Sijsje, Groene Specht. Grote Zilverreiger Hitland.

 

 

 

Regen aan waarnemingen in Capelle

De recente stevige vorstperiode bracht de vogelwereld danig in de war. Op zoek naar voedsel lieten diverse soorten zich snappen door vogelaars.

Zwartkop (Sylvia atricapilla). Een algemene zomergast in Capelle. Normaliter overwinterend in Zuid Europa en Afrika, maar steeds vaker ook hier overwinterende exemplaren, zoals deze man-zwartkop in de tuin van Frank Oling. Ook weer een Zwarte Mees (Parus ater) vlakbij zijn woning aan de rand van Schollebos.

 

 

 

 

 

 

 

Meerdere meldingen van Kramsvogels.

Deze Kramsvogel (Turdus pilaris) werd door Arianne Burgers gesnapt in Schenkel. Het is een Lijstersoort en algemene wintergast uit Noord en Oost Europa. Kenmerkend geluid: “Tsjak-tsjak-tsjak”. Niet elke winter in Capelle. Begin winter vooral in duingebied foeragerend op Duindoornbessen.

 

 

 

 

 

En ook van Watersnippen meerdere meldingen (Schollebos).

Watersnip (Gallinago gallinago; foto: Vogeldagboek.nl). Is de meest algemene Snippensoort in Nederland. Een standvogel , maar voor zover ik weet zijn dit de eerste meldingen in Capelle. Zeer lange snavel (veel langer dan van andere snippensoorten). Kenmerkende zigzagvlucht. In zogenaamde zangvlucht maken ze een blatend geluid tijdens een schuine duik omlaag, veroorzaakt door resonerende staartpennen: daaraan heeft hij de bijnaam “Hemelgeit” te danken.

 

 

 

 

 

 

 

Ook de andere inheemse snip, de Houtsnip, werd in Schollebos diverse keren gezien.

Houtsnip (Scolopax rusticola; foto: vogeldagboek.nl). Snavel kleiner dan van Watersnip. Koptekening met dwarse strepen (bij Watersnip overlangse strepen). Standvogel, maar geen broedvogel Capelle. Vaak ’tain’twinterse waarnemingen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

En als klap op de vuurpijl een wel heel bijzondere waarneming door Wim Rijkaart van Cappellen:

 

 

Smelleken (Falco columbarius). Een heel kleine vertegenwoordiger van de Valkenfamilie (Falconidae). Broedvogel van Skandinavie en NO-Europa. In Nederland wintergast en doortrekker in kleine aantallen. Wim zag hem bij het Beijerinkgemaal in Schenkel. Wel knap om deze zomaar te herkennen, maar dat geldt voor mij….