Zegt het voort!

blog archief

sfeer, geuren, kleuren en sprieten

April in Schollebos, werkelijk de mooiste maand met voorjaarsbloeiers, bloesems en al vroege zomerbloeiers. Werkelijk, ga er nu van genieten (maar houd afstand ivm corona, kan makkelijk).

 

Velden met bloeiend Fluitenkruid (Anthriscus sylvestris). Typische plant in Hollands landschap (ook wel “Hollands Kant” genoemd omdat de witte bloemetjes een fijnmazig geheel uitstralen als van de stof Kant). Behoort tot de grote familie der Schermbloemen (Apiaceae). De stengel is hol met tussenschotjes: door er kleine gaatjes in te maken wordt het een fluitje.

 

 

 

Daslook (Allium ursinum). Ik schreef het al eens gekscherend eerder: Schollebos is Uienbos. De Daslook is zo overweldigend aanwezig langs de bospaden dat het bos er naar ruikt. “Look” = Ui. De Daslook is eetbaar (bloem, blad en ondergronds uitje) en heeft een aangename uiengeur. Toch maar laten staan. Als iedereen net als de chinese medeburgers deze plant grootschalig gaat oogsten voor consumptie blijft er snel niet veel meer van over. Bovendien hebben veel honden een onbedwingbare neiging juist over deze planten te urineren.

 

 

 

Yvonne Commijs ontdekte langs het Spartagebied in Schollebos een ‘nieuwkomer’ voor Capelle:

Smaragdlangsprietmot (Adela reaumurella; foto internet). Leuk voor scrabble of mannetje-aan-de-galg … Een dag-actief nachtvlindertje van 14-18 mm groot. Een voorjaarsmotje. De mannetjes vallen op doordat ze net als dansmuggen in zwermen te zien zijn. Yvonne maakte wel zelf een foto, maar die was nou niet echt geschikt. Deze foto: een vrouwtje. De sprieten van de mannetjes zijn nog veel langer. De rupsjes leven van dood blad.

De familie Langsprietmotten (Adelidae) kent nog meer soorten, waaronder de ook in Schollebos voorkomende Geelbandlangsprietmot:

 

Geelbandlangsprietmot (Nemophora degeerella; foto SNC-archief). Vergelijkbaar levenspatroon als vorige. Op foto mannetjes met enorm lange voelsprieten. De rupsen leven van dode berkenbladeren.

 

 

 

 

Rob van Dorland spotte in de wijk Schollevaar een Koninginnenpage. Vorig jaar ontdekte hij ook al de rupsen van deze prachtige, vrij zeldzame vlinder op het Volkstuincomplex “Tot Nut en Genoegen”. 

Koninginnenpage (Papilio machaon; foto internet). Laatste jaren steeds ook meer in westelijk Nederland vastgesteld. Waardplanten (waar eitjes op worden afgezet) zijn vooral Schermbloemsoorten (Apiaceae) en die zijn er genoeg in Schollebos (zie boven bij Fluitenkruid).

 

 

 

Rups Koninginnenpage (foto Rob van Dorland).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Boomspiegels en maaibeleid

Moet even mijn chagrijn kwijt. In een vorige blog (“Kleuren”) vertelde ik over mijn vondst van WITTE Paarse Dovenetels in het Schollebos.

Paarse Dovenetel (Lamium purpureum, witte variant). Een zeldzame mutatie. Samen met de gewone paarse variant stonden deze in de boomspiegel van een solitaire Iep. Een “Boomspiegel” is een ringvormige strook grond rond de stam en dient voor voldoende wateropvang en beluchting voor de boom. Idealiter is het oppervlak van een boomspiegel ongeveer even groot als omvang van de boomkruin, maar dat is in verstedelijkt gebied zelden het geval. In straten en pleinen wordt bij de aanplant van bomen dan ook vaak een irrigatieslang voor water en een beluchtingsslang aangelegd. Er is niets op tegen om boomspiegels te beplanten met vaste planten: het verrijkt alleen maar de biodiversteit (Vlinders, bijen en andere insecten). In gazons is zo’n kale boomspiegel helemaal niet nodig. Toch worden in het Schollebos rond solitaire bomen nog steeds kale boomspiegels in ere gehouden. Ook nu weer.

Wat schetst mijn verbazing: in dit gazon (wel standaard intensief gemaaid) heeft men deze bijzondere bloemen ook maar gelijk verwijderd in kader van boomspiegelbeleid? Een minuscuul boomspiegeltje (slaat nergens op), maar ten koste van een mooi boeket van Paarse Dovenetel (een goede nectarbron voor insecten!), maar dus ook voor de zeldzame mutatie…!! Gelukkig had SNC een paar plantjes van de gemuteerde soort gestoken om verder op te kweken. We zullen tzt deze terugplanten als de opkweek lukt. Nu de gemeente nog overtuigen om af te zien van dit soort nutteloze en zelfs schadelijke “onderhoudswerkzaamheden”. Deels is dit al gelukt. Langs Kanaalweg en Rivierweg staan bomen in metalen bakken met vaste planten in de boomspiegels. Een duidelijk beleid ontbreekt helaas.

 

 

Van alles

Afgelopen weekeind was de Nationale Bijentelling. Is echt iets voor specialisten want er zijn zo’n 370 wilde bijensoorten in Nederland. Ik begin er daarom niet aan. Volgens mij moet je voor soortdeterminatie zo’n bij vangen, verdoven, doodmaken of perfect fotograferen om die met zekerheid te determineren. Nou niet dus, want dan moet je bij elke bij die je ziet dat doen. Men neemt daarom ook genoegen met het aantal ongeïdentificeerde bijen, maar ook het tellen hiervan stuit soms op problemen. Vorige week in Vlindertuin honderden bijen met tenminste 2 soorten in het insectenhotel.  Ga maar tellen….

 

 

 

 

 

 

 

Voor een video opname van de bijen bij het insectenhotel:    Klik hier voor de video

Rob van Dorland spotte een overvliegende Havik (Accipiter gentilis) in het Schollebos en wist daarvan deze mooie foto te maken. Geen broedvogel in Capelle, wel in Zevenhuizenplasgebied. Capelle ligt wel binnen zijn territorium (minder dan 10 km van nestplaats). Is een “Standvogel”: blijft hele jaar hier en trekt ’s winters niet weg. Bestand breidt zich uit in Nederland. Klik op foto voor vergroting.

 

Afgelopen zondag 19 april de eerste Boerenzwaluwen achter de Manege in Schollebos. 

Boerenzwaluw (Hirundo rustica; foto internet). Een vogel van het platteland en een echte insecteneter. Overwintert in Afrika en is eerder terug in ons land dan de Huiszwaluw. Broedt in open schuren en stallen. Op Capelse Manege jaarlijks diverse nesten. De nesten zijn komvormig en van kleibolletjes gemaakt. Vliegbeeld: diep gevorkte staart (Huiszwaluw veel korter gevorkt en witte stuit).

 

Meeldauwlieveheersbeestje (Halyzia sedecimguttata; foto Rob van Dorland). In maart door Rob gefotografeerd in Schollebos. Er zijn heel veel soorten Lieveheersbeestjes (familie Coccinellidae) dus niet alleen rode soorten met zwarte stippen. Veel soorten leven van bladluizen, maar deze van Meeldauw, een schimmel. Dit Heerenbeestje is daarmee ook een verspreider van die schimmel  die allerlei planten aantast. 

 

Gemeente is recentelijk begonnen met bestrijding van de Eikenprocessierups. Het is een biologische bestrijding, waarbij in een vroeg stadium de eiken worden “bespoten” met parasitaire Aaltjes. Dit zijn microscopisch kleine wormpjes die pas uitgekomen eikenprocessierupsjes binnendringen en uiteindelijk doden. Andere aanvullende bestrijdingsmethodes zijn het ophangen van mezennestkastjes (mezen eten die rupsen) en aanleggen van bloemrijke bermen (daar komen insecten op af en dus ook insectenetende vogels). SNC heeft zich bij gemeente bereid verklaard om mee te werken  in een nestkastenproject in het Schollebos , maar wacht eerst de grote ontwikkelingen en ingrepen af in kader van “Toekomstvisie Schollebos”. Wij gaan geen nestkasten laten maken en ophangen voordat wij weten hoeveel bomen gekapt gaan worden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Nog meer Lente

In 2e week april in de wijk Schollevaar rond een solitaire boom een veld met bloeiend Vogelmelk.

 

 

 

 

 

 

 

Vogelmelk (Ornithogalum umbellatum; foto’s Martin den Boer). Bloeit normaliter pas in mei. Een inheemse bollenplant, maar hier in Capelle aangeplant. Ook in Schollebos op een enkele plek (en mijn achtertuin). Behoort tot de Aspergefamilie. 

 

 

 

Rob van Dorland spotte in Schollebos de Geelbuikschildpad, een exotische zoetwaterschildpad die erg lijkt op de Geelwangschildpad die daar ook voorkomt.

 

Geelbuikschildpad (Trachemys scripta scripta; foto Rob van Dorland). Het verschil met de Geelwangschildpad is de gele tekening aan de zijkant van de kop:bij de Geelbuik is de gele streep achter het oog breder en staat die in verbinding met meerdere andere gele lengtestrepen. In vrijwel elke sloot of vijver in Nederland zijn exotische waterschildpadden te vinden doordat ze gedumpt worden. Mensen kopen een klein waterschildpadje voor de kinderen in een klein aquariumpje, maar dat beestje wordt al snel te groot….. Eigenlijk moet de handel erin verboden worden, niet alleen omdat het ongewenste exoten zijn, het dieronvriendelijk is, maar ook omdat ze als “huisdier” een mogelijke bron zijn voor Salmonella-infecties (Paratyphus) bij mensen (vooral kinderen!).

Ook spotte Rob op het Sparta-terrein in Schollebos de Beflijster.

Beflijster (Turdus torquatus; foto Rob van Dorland). Een broedvogel uit berg- en hoogveengebieden (geen Nederlandse broedvogel), die overwintert in Zuid-Europa en Afrika. Lijkt op een mannetje-Merel (zwart), maar met een halvemaanvormige witte bef op de voorborst. Twee jaar geleden op zelfde plek en in zelfde week in april ook gespot. Blijft altijd een bijzondere waarneming. Jan van Wensveen constateerde even later dat het net als 2 jaar geleden het ook 2 exemplaren waren.

Het Schollebos is nu op zijn allermooist qua flora. 

Daslook (Allium ursinum). Hoewel massaal aanwezig, toch weer Chinese vrouwtjes die tassenvol de bloemetjes of bladeren “oogsten”. Was paar jaar geleden verboden (Flora en Faunawet), maar nu weer vogelvrij .

 

 

 

 

 

 

 

 

Look zonder Look (Alliaria petiolata). “Look zonder Look” = Ui zonder Ui. “Look” is een ander woord voor Ui. Behoort dan ook niet tot de Uienfamilie (Alliaceae), maar tot de Kruisbloemenfamilie (Brassicaceae of Cruciferae). Bij kneuzing van het blad een niet echt lekkere uiengeur, vandaar de naamgeving. Belangrijke waardplant voor het Oranjetipje (zie eerdere blog). Nu op sommige plekken massaal in bloei.

 

En nog veel meer. Bekijk eens de prachtige Paardenbloemen, helaas te vuur en te zwaard in tuinen bestreden als onkruid. Massaal Madeliefjes, Hondsdraf, Paarse Dovenetel, Witte Dovenetel, Gele Dovenetel, Fluitenkruid, Raapzaad, Schijnaardbei, enz. Bomen en struiken in bloei zoals Wilde Kers (Kriek), Amerikaanse Vogelkers, Meidoorn. 

De ooievaar is weer aan het broeden en de ijsvogel waarschijnlijk ook. Alles is aan het zingen, de Fitis is ook al weer terug uit Afrika en een paar keer in Schollebos gehoord.

Een van de mooiste zangen in onze contreien is die van de Zanglijster. Rob maakte deze foto afgelopen week in Schollebos.

Zanglijster (Turdus philomelos; foto Rob van Dorland). De Latijnse naam “Philomelos” zegt het al: “Philos”=Vriend, “Melos”= zang/melodie. Een gevarieerd sonore zang waarbij de varianten 2-3 tot 5 keer herhaald worden. Naast de melancholische zang van de Merel (nu ook volop te horen) mijn topfavoriet qua zang. Die van de Nachtegaal overtreft dat weer, maar die komt niet in Capelle voor helaas. Nu nog afwachten op andere “terugkeerders” uit het verre zuiden zoals Visdief, Koekoek, Kleine Karekiet, Huis-, Boeren- en Gierzwaluw. Altijd spannend.

Kortom: ga nu genieten, maar houd rekening met de 1,5 meter social distance in verband met de Coronacrisis!!!

Overwerk

Zoveel spectaculair natuurnieuws in en om Capelle, dat het schrijven van deze blog neerkomt op overwerk.

Recreatieschap Hitland (Hitland-Noord en Hitland-Zuid samen 640 hectare, dus meer dan 6x zo groot als het Schollebos) wordt samen bestuurd door gemeente Capelle en Zuidplas. Een mengeling van Moerasgedeeltes (Hitland-Zuid), Bosplantsoenen (vooral Hitland-Noord), Weilanden (vooral middengedeelte), Singels, Vijvers en Sloten en grenzend aan de IJssel. Deze grote diversiteit aan landschapselementen levert ook grote biodiversiteit. Dit natuurgebied grenst bijna naadloos aan het Schollebos en is daarmee een belangrijke ecologische verbindingszone qua fauna. Omdat SNC staat voor Stichting Natuurvrienden Capelle aan den IJssel en omstreken (e.o.) heeft Hitland zeker ook de aandacht van SNC. Regelmatig heeft SNC overleg gevoerd met het bestuur van Hitland over baggeren, bosdunning, infrastructurele werkzaamheden e.a.  

Afgelopen dinsdag ontdekte Frank Oling een Zomertaling in Hitland-Zuid.

Zomertaling (Anas querquedula, mannetje; foto Internet). Een prachtige eendensoort en voor Nederland een zeldzame broedvogel en achteruitgaand. Woensdag ook wezen zoeken en trof hem aan op 10 meter afstand, waar hij uitgebreid aan het badderen was. Ook Jan van Wensveen ging op zoek en trof zelfs 2 mannetjes en 1 vrouwtje aan. Een broedpaar of doortrekkers? (overwintert in Zuid Europa en Afrika). Wat ik niet vond in vogelgidsen en info op internet: nergens vermelding van de mooie groene kleur boven op de kop.

Omdat ik toch samen met mijn vrouw en onze hond Bella op pad was, een stevige wandeling in Hitland-Zuid gemaakt. Om 16.15 uur een roofvogel overvliegend. Zeker geen Buizerd (die hadden we al gezien), maar eerder een Kiekendief (heeft in Hitland gebroed), maar die vliegt nooit zo hoog. Snel de verrekijker: een Zwarte Wouw! WOW dus!

Zwarte Wouw (Milvus migrans; foto internet). Verschillen met vliegbeeld Kiekendieven: Zwarte Wouw heeft een “gevorkte staart”, kiekendieven houden vleugels in lichte “V-stand” en vliegen niet zo hoog. Grappig dat een kwartier later de Wouw werd gezien en gefotografeerd boven Capelle West door Paul, alleen is deze foto mooier… Een voor Nederland zeldzame broedvogel en zeldzame doortrekker. Voor mij tot nu toe alleen maar een vogel van vakanties in buitenland.

 

Ook in Hitland-Zuid deze week door Frank gespot: de Snor.

Snor (Locustella luscinioides; foto internet), een typisch saai gekleurd rietvogeltje, moeilijk te zien, maar zijn zang is zeer karakteristiek: een langgerekte, monotone triller (zie Vogeldagboek.nl Geluidenboek). De zang kan verward worden met die van de nauw verwante Sprinkhaanzanger (Locustella naevia) die slechts heel enkele keren in Schollebos is waargenomen en – hoe gek het ook lijkt  – op die van de Veenmol, een grote krekelsoort met voornamelijk ondergrondse leefwijze die ook in Capelle voorkomt (veengebied!). Ook de Nachtzwaluw maakt een soortgelijk geluid, maar komt in onze regio niet voor. 

Vos (Vulpes vulpes; fotoarchief)

Afgelopen middag (9 april) met medebestuurslid Anton uitgebreide ronde Schollebos gemaakt. Voor Anton gaat de aandacht vooral uit naar de huidig bloeiende flora en de dagvlinders. Mijn aandacht naar alles, maar vooral ook vogels. Achter de Capelse Manege maakt het ruiterpad een bocht die ik regelmatig volg. Een vos schrok van ons en snelde over het weilandje op 15 meter afstand richting populierenbosje, bleef daar staan om daar zo’n 2 minuten ons aan te staren en daarna te verdwijnen. De vos is een voornamelijk avond/nachtdier, maar in onverstoorde omgeving ook overdags actief. De laatste 2 jaar had een vossenfamilie huisvesting in de kruipkelder van aannemersbedrijf langs de Capelseweg (zie eerdere blog), maar die heeft nu de toegang ertoe geblokkeerd (stankoverlast in huis). Voor uitgebreide info over de vos: zie Wikipedia.

Tijdens deze Schollebosronde ook vlindertellingen gedaan. Een record aantal aan Oranjetipjes voor 1 ronde: 10 mannetjes (duidelijk herkenbaar aan oranje vlekken op voorvleugels). Vrouwtjes zijn in vlucht moeilijk herkenbaar (lijken erg veel op andere witjessoorten), maar gezien de logica (nageslacht = 50% man en 50% vrouw) betekent dit dat er minstens 20 oranjetipjes in Schollebos zijn. Ons medebestuurslid John ontdekte er ook 1 in zijn tuin in Oostgaarde (vlak bij Hitland). Kortom, de populatie is groeiende en dit is een welkome constatering omdat het met de andere dagvlinders slecht gaat.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                              

 

 

 

 

 

 

 

Je moet er wel oog voor hebben!

Deze zaterdag een telefoontje van Frank Oling: “Ruud, gauw komen, een ’Oostelijke Grote Vos’ bij ingang Schollebos bij jou”. Moest ff nadenken, geen echte Vos, maar een vlinder. Ik kende uiteraard wel de Kleine Vos en Grote Vos, maar geen Oostelijke Vos. Stond al op punt om onze Bella uit te laten, dus snel de deur uit. Daar trof ik Rob van Dorland (die de vlinder ontdekte), Frank Oling en Jan van Wensveen aan, allen deskundige waarnemers en genietend van deze vlinder die gelukkig nog steeds op de wilgenkatjes foerageerde. Er was wel enige twijfel of dit de  gewone Grote Vos of de Oostelijke Vos was. Foto via waarneming.nl wees uit: de “gewone” Grote Vos. Politiepatrouille bleef wel even kijken of we wel gepaste afstand hielden, maar was oke.

Grote Vos (Nymphalis polychloros; foto’s Rob van Dorland). Een zeldzame dagvlinder, maar die de laatste paar jaar steeds meer wordt waargenomen in Nederland. Voor Capelle voor het eerst! Lijkt erg op Kleine Vos; belangrijkste verschil is dat de basis van de achtervleugels bij de Kleine Vos bijna zwartachtig zijn.

 

 

Close-up foto Grote Vos

Waardplanten (waar ze hun eitjes op afzetten): iepen, wilgen en populieren. Overwintert als volwassen vlinder.

 

 

 

 

 

Ter vergelijking: Kleine Vos (Aglais urticae) die veel algemener is, maar wel achteruit gaat.

 

 

 

 

 

 

 

Oranjetipje (Anthocharis cardamines).

Ook deze week de eerste oranjetipjes. Heel langzaam toenemend in Schollebos (ook al 1x gezien langs Rivierweg). Alleen het mannetje heeft grote oranje vlekken op de voorvleugels en vallen daarom ook op. De vrouwtjes zijn zonder deze vlekken en lijken veel op andere soorten “Witjes” (familie Pieridae). De ondervleugels zijn bij beide geslachten wit met dikke lichtgroene dooradering. Waardplanten zijn Pinksterbloem (nu bloeiend), Look-zonder-Look (nu in knop) en Raapzaad (allemaal behorend tot plantenfamilie Brassicaceae, vroeger Cruciferae genoemd). Vrouwtje legt 1 eitje per bloempje. De nakomelingen overwinteren als pop.

Pinksterbloem (Cardamine pratensis). Een algemene plant in Nederland, maar in Capelle niet uitbundig. Bloeit nu al met Pasen of nog eerder, maar in de Kleine IJstijd (15e-18e eeuw) pas met Pinksteren (7 weken later), vandaar de naamgeving.

Laatste nieuws en genieten

Frank Oling ontdekte een paartje Dodaarzen in de Nieuwerkerkse Tocht en maakte deze foto. Zit er nu al 2 dagen. Een mogelijk broedpaartje? Zou de eerste keer zijn in Capelle.

Dodaars (Podiceps ruficollis) is de kleinste Europese futensoort. Meestal ’s winters enkele waarnemingen in Schollebos. Erg schuw en houdt zich op in of vlakbij dicht met riet begroeide oevers. Het door Frank gefotografeerde paartje had al zijn winterkleed verwisseld voor het zomerkleed. De naam “Dodaars”: “Dod” = Pluim en “Aars” = Achterwerk, dus een verenpluim bij hun achterwerk. Het is dus 1 Dod-aars en 2 Dod-aarzen.

Vandaag een voor mij nieuwe zwam/paddenstoel ontdekt in Schollebos.

Kogelhoutsknotszwam (Daldinia concentrica). De grootste was zo’n 5 cm in doorsnee. Vrij algemeen (maar mijn 1e keer) op dood hout en dode delen van boomstammen zoals hier. De zwam is houtig van structuur. Is geen parasitaire zwam en dus niet schadelijk voor een boom.

 

 

 

 

 

Vandaag eerste aanwijzingen voor broedpoging IJsvogel in Schollebos. IJsvogel vloog vanaf zijn broedoever naar in water gelegen takken en vertoonde “Baddergedrag”: ging zich 4-5 x wassen door in water te duiken. Doen broedende ijsvogels als zij uit hun broedholte komen. Zou mooi zijn na 2 jaar zonder broedresultaten. 

Verder een toenemende pracht van voorjaarsbloeiers en genieten dus:

Armbloemig Look (Allium paradoxum). “Look” = Ui. Langs oostelijke noordoever Nieuwerkerkse Tocht toenemend. Door een blad te kneuzen ruik je een aangename uienlucht.

Schollebos kent nu 4 looksoorten: uiteraard de Daslook (Allium ursinum;massaal aanwezig), deze Armbloemige Look, Driekantig Look (Allium triquetrum) en incidenteel Kraailook (Allium vineale).

 

 

 

 

 

Overblijvende Ossentong (Pentaglottis sempervirens). Ook deze mooie plant langs oostelijke noordoever Nieuwerkerkse Tocht. Familie der Ruwbladigen (met o.a. Smeerwortel en Vergeetmijnietsoorten). De bloemetjes lijken veel op die van vergeetmijnietsoorten.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hele velden en veldjes van bloeiend Speenkruid (Ficaria verna).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Ook nog steeds bloeiende Bosanemoon (Anemone nemorosa)

 

 

 

 

 

 

 

 

en Vingerhelmbloem (Corydalis solida).

 

 

 

 

 

 

 

 

Ook de eerste Bonte Gele Dovenetels (Lamiastrum galeobdolon argentatum) staan in bloei. Aangeplant bij aanleg Schollebos en massaal aanwezig. Een ondersoort van de “gewone” Gele Dovenetel (Lamiastrum galeobdolon galeobdolon), die ook spaarzaam voorkomt in Schollebos.De bonte ondersoort heeft bladeren met grote witte vlekken. Goede honingplant en zag vandaag al direct hommels erop.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Stiekemerd

Rob van Dorland wist deze stiekemerd op foto vast te leggen.

Waterral (Rallus aquaticus). Al jarenlang in Schollebos aanwezig, vrijwel zeker als broedvogel (zomer- en winterwaarnemingen). Is een schuwe vogel van riet en andere dichte oeverbegroeiing. Een soort broertje van de Waterhoen (“Waterkip”) maar met een lange rode snavel. Mogelijk tenminste 2 broedparen. Deze foto gemaakt langs de “Grote Vijver” in Schollebos. Andere waarnemingen langs de Nieuwerkerkse Tocht (mid-Schollebos). Vanwege hun schuwheid en verborgen leefwijze worden ze eerder waargenomen door hun zeer aparte geluiden, o.a. een keihard geschreeuw, lijkend op een schreeuwend speenvarken. Ik herinner mij de schrikreactie van een passerende vrouw, die dacht minstens dat er een kind werd verkracht. ’s Winters meer kans om ze te zien langs oevers.

Rob spotte ook vroege vlindersoorten: 21 maart Kleine Vos en 22 maart Gehakkelde Aurelia. Beide vlinders overwinteren als volwassen vlinders.

 

 

Kleuren

Na het recente schonen van de broedoever van de IJsvogel in het Schollebos worden nu bijna dagelijks ijsvogels waargenomen, vaak 1 , maar ook 2 tegelijk, dus vrijwel zeker een paartje. Was vorig jaar ook zo en toen heb ik ze zelfs zien paren, maar geen broedresultaat ter plaatse. Wellicht omdat we de oever toen niet geschoond hebben van dichte begroeiing. Hopelijk nu dit jaar dus wel! Gaat weer vele uurtjes waarnemen kosten, maar gelukkig zijn er meerdere mensen die dit in de gaten houden en melden.

Frank Oling maakte recent deze prachtige foto vlak bij hun broedoever. De “Blauwe Flits” en “Vliegend Juweel” zijn niet voor niets bijnamen van deze schitterende vogels.

 

 

 

 

 

 

 

 

Frank spotte ook nog een Appelvink en een Vuurgoudhaan, die hij wist vast te leggen op foto.

Appelvink (Coccothraustes coccothraustes). Grootste Europese vinkensoort met abnormaal dikke snavel waarmee hij zelfs kersenpitten kan kraken. Slechts enkele keren in Schollebos waargenomen (ook 1x in mijn achtertuin, jaren geleden). Een standvogel in Nederland, maar niet echt talrijk. 

 

 

 

 

 

Vuurgoudhaan (Regulus ignicapillus). Naaldbosbewoner en hier alleen in winter. Grootste verschil met gewone Goudhaan (Regulus regulus) is de zwarte en witte oogstreep die bij de gewone Goudhaan ontbreekt.

 

 

 

 

 

Peter Troost fotografeerde parende Groene Spechten in het Schollebos. Zonder extreme lenzen een knappe prestatie, want de Groene Specht is ontzettend schuw. Broedt al zeker zo’n 7-8 jaar met succes en wordt ook regelmatig elders in Capelle waargenomen (Wegelingpark, Slotpark, langs IJsseldijk). Mooi groen gekleurd met wat geel tussendoor en mooi rood kapje. In het gras waar ze hier foerageren op mieren en andere kleine insecten zijn ze nauwelijks te zien vanwege die schutkleur. Als je ze niet ziet, dan is hun onmiskenbaar geroep wel niet te missen: een luid hinnikend gelach. 

 

Rob van Dorland fotografeerde deze Gaai in zijn tuin (Schollevaar).Een plaatje waar zijn prachtige kleuren goed tot uitdrukking komen. Voorzover mensen de Gaai kennen, kennen ze hem vooral als schreeuwlelijk, maar de Gaai kan ook heel lieflijke, binnensmondse zang/geluidjes produceren!

 

 

 

 

 

 

Zelf ontdekte ik in Schollebos aan de voet van een solitaire Es bloeiende Paarse Dovenetel (Lamium purpureum). Een mooi vroeg honingplantje voor insecten, dat het hele jaar door bloeit, ook ’s winters dus. Maar er was iets vreemds: niet alle Paarse Dovenetels waren paars! Er stonden vele spierwitte exemplaren tussen.  Martin den Boer heeft op mijn verzoek deze foto gemaakt. Bijzonder! Daarom verder onderzoek. Het waren echt geen Witte Dovenetels, maar “Witte” Paarse Dovenetels. DE NATIONALE FLORA (Heukels) vermeldt dit fenomeen wel. Nooit gezien en nooit geweten en dus weer een leuke verrassing. 

Tot slot. Afgelopen week tijdschrift van Natuurmonumenten ontvangen. Thema “Bomen”. In de inleiding “Bomenleven” een aantal citaten uit gedichten, proza en liederen over bomen. Een ervan trof mij in het bijzonder: een citaat van Vlaamse Volkszanger/schrijver Willem Vermandere uit zijn lied “De Bomen” (1991). Via een vroegere collega had ik al eerder kennis gemaakt met deze zanger met veel prachtige liedjes zoals “De Bomen”, “Duizend soldaten” en “Klein ventje”. Het citaat uit “De Bomen” (sterk Vlaams dialect, geen typefouten, maar zo mooi verwoord):

“Der liggen dertig bomen geveld

De wortels nog diep in d’eerde

Verkapt en verzaagd voor een pootje geld

Bomen van onschatbare weerde

Ik probere ’t verdriet van de bomen te verstaan

Daarom hè’k mijn liedje gezongen

Nen boom is gemaakt om rechte te staan

Met zijn armens naar den hemel gewrongen”

 

 

 

 

 

Piskijkers en Charlatans

Ditmaal geen vogels, vlinders, bloemetjes, maar Virussen. Een essentieel onderdeel van de Natuur. Dit is vooralsnog geen officieel SNC-standpunt, maar mijn persoonlijke visie als dierenarts.

Vandaag kamerdebat over Coronavirus voor groot deel gevolgd met gekromde tenen. SNC is apolitiek, ik persoonlijk ook, maar durf toch hier in mijn blog mijn persoonlijke ergernis uit te spreken over bepaalde politici, die nergens verstand van hebben, maar wel proberen onze regering te kakken te zetten alsof die het helemaal fout zou doen, daarbij hakkelend/stamelend elke strohalm gebruikend om wat ongelukkig overgekomen uitspraken van regeringszijde ter eigen politiek gewin te misbruiken, JA MISBRUIKEN!

Essentie ging vooral over allerlei misverstanden over “Groepsimmuniteit“, in medische taal over “Populatie-immuniteit“. Die term werd door RIVM-woordvoerder gebruikt als zijnde een factor die van belang kan/zal worden om de pandemie op termijn te beperken en kwetsbare groepen te beschermen. Logica: slechts een beperkt deel van alle besmette mensen belanden in ziekenhuis of Intensive Care. Het overgrote deel komt ervan af met een snotneus of lichte griepachtige verschijnselen. We kunnen deze overgrote meerderheid niet allemaal direct gaan opnemen in ziekenhuis en ook niet allemaal testen op Corona en is dus ook niet zinvol. Proberen om deze mogelijk besmette mensen te isoleren – al dan niet vrijwillig – blijft wel belangrijk. Deze mensen zijn na genezing vrijwel zeker voor een bepaalde tijd immuun als het inderdaad Corona betrof, niet zeker voor hoelang (het is een nieuw virus), dat geldt voor bijna alle virusinfecties. Zo bouwt men wel langzaam aan een toenemende immuniteit binnen een populatie op. Het is dus geenszins de bedoeling – zoals enkele politici schreeuwen – om het virus opzettelijk zijn gang te laten gaan om zo’n populatie-immuniteit gedaan te krijgen. DIT IS NOOIT BEWEERD en zou ook krankzinnig  zijn! In gewoon Nederlands: het FEIT dat het merendeel milde infecties betreft en deze besmette mensen dan een immuniteit ontwikkeld hebben, draagt bij aan een geleidelijke populatie-immuniteit. Dit bedoelt men met het “beheerst laten uitwoeden” als onderdeelstrategie van deze pandemie. Dit kan enorm versterkt worden door een effectief vaccin, dat nog ontwikkeld moet worden. 

En dan die politici die beweren dat de regering ervoor kiest om het virus EXPRES te laten woekeren om die Groepsimmuniteit als werkzaam gereedschap te gebruiken: die hebben dat echt absoluut niet begrepen en denken het zelf wel BETER TE WETEN dan alle deskundigen, OF zij proberen deze crisis te misbruiken voor eigen politiek gewin. Piskijkers of Charlatans zoek het maar op in woordenboek (sorry op Google, ik ben nu eenmaal wat ouder en oja, daarom ook risicoslachtoffer van Corona), ik kots ervan. Schande!

Suggereren dat een totale Lock Down DE oplossing zou zijn is een Fata Morgana: het virus is dan nog steeds niet verdwenen en als men die Lock Down weer opheft (na hoeveel tijd??, weken, maanden??) gaat het virus weer zijn gang! Lekker maanden in thuisquarantaine en daarna opnieuw die virusellende, daar zitten we toch niet op te wachten?

Ter herinnering zomaar een voorbeeld: Mazelen (ook een virus) was vrijwel 100% uitgeroeid door een zeer effectief vaccin. Maar niet 100% van de Nederlandse bevolking wordt daartegen ingeënt. Zolang echter 95% wel ingeënt is worden de niet ingeënte mensen (BibleBelt) toch beschermd omdat het virus vrijwel geen kans heeft zich te verspreiden. Nu is het inentingspercentage gedaald en wat zien we?: weer Mazelenuitbraak! DAT bedoelt men dus met populatie-immuniteit.

Desalniettemin: deze Coronapandemie is echt ernstig en gaat mogelijk duizenden dodelijke slachtoffers kosten. Een relatieve troost: een ernstige “gewone” Griepepidemie (influenzavirussen) kost zo’n 10.000 doden op jaarbasis in Nederland en dat terwijl honderdduizenden mensen (ouderen, zwakkeren, ook ik dus) toch jaarlijks daartegen worden ingeënt. Het aantal Corona-doden is nu 58 en zal zeker nog flink stijgen, want voor vooral ouderen veel agressiever. Ben ook nog benieuwd naar die “Anti-vaccinisten”: als er binnen 1 jaar een effectief vaccin beschikbaar is: inenten of maar risico om dood te gaan? In Capelle afgelopen dag 1e officiele Coronabesmetting. Houd u aan de regeringsrichtlijnen! Nederland heeft wereldfaam qua deskundigheid op dit gebied! Politici die beweren dat zo’n virus simpel te bestrijden is, zijn niet mijn politici, maar charlatans of piskijkers. Ik heb respect tot dusverre hoe regering deze crisis aanpakt op basis van deskundigen, wat ik wilde zeggen, niet als politicus, maar als wetenschapper. En dan nog: denk maar niet dat wij als mensheid de oorlog tegen virussen definitief zullen kunnen overwinnen: that’s Life.