Zegt het voort!

blog archief

Paasnieuwtjes

Prachtig paasweer in dit toch al mooie seizoen, dubbel op!. Schollebos op zijn mooist: weelderige bloesembomen, uitbundig bloeiende planten en verrassend: behoorlijk wat vlinders. Te veel voor 1 blog. Hier toch een ruime selectie.

Daslook (Allium ursinum). Een uiensoort (Look=Ui) met aangename frisse uiengeur. Stinsenplant, hier uitgeplant, maar ook – zeldzaam- inheems. Massaal nu in Schollebos bloeiend (“Uienbos”).

 

 

 

 

 

Raapzaad (Brassica rapa). Vaak verward met Koolzaad, maar slechts minimale verschillen. Behoort tot de familie van Kruisbloemigen (Brassicaceae, vroeger Cruciferae=Kruisdragers). De bloempjes bij Raapzaad staan boven de knoppen, bij Koolzaad andersom. Verder vrijwel identiek.  Tussen het Raapzaad de witte bloemen van Fluitenkruid (Anthriscus sylvestris), familie Schermbloemigen (Apiaceae, vroeger Umbelliferae=parapludragers) en belangrijke voedselpant voor o.a. zweefvliegen en soldaatjes (kleine rode kevertjessoort). De bloei van Fluitenkruid nog niet volop, maar duurt niet lang meer.

 

Speenkruid (Ficaria verna). Nog steeds flinke velden met bloeiend Speenkruid. Behoort tot de Ranonkelfamilie. Na de bloei sterven de planten bovengronds geheel af; uit de ondergronds blijvende speenvormige knolletjes groeien in volgend voorjaar weer nieuwe plantjes. 

 

 

 

 

 

Fruitbomen Babybos. De fruitbomen in het Babybos staan volop in bloei. De appels en peren mag je in najaar plukken, maar ook veel vogels zijn er dan blij mee.

 

 

 

 

 

 

Paardenbloem (“Molsla”; Taraxacum officinalis) en Hondsdraf (Glechoma hederacea). Vooral langs de paadjes langs Spartasportvelden massaal bloeiend. Beide belangrijke insectenplanten. Ik laat de paardenbloemen in mijn tuin ongemoeid: prachtige bloemen toch? De uitgebloeide pluizenbollen zijn een dankbaar object voor fotografen. Jong blad is te verwerken in salades. Hondsdraf is een vertegenwoordiger van de Lipbloemigen (Lamiaceae) net als Witte Dovenetel: de bloemetjes hebben 2 lippen, een boven- en een onderlip. De onderlip dient als landingsplaats voor insecten en vertoont een ultraviolet kleurenspoor dat hen naar de nectar leidt. In ruil voor de nectar bestuift de hommel of bij daardoor de bloem. Insecten kunnen UV-licht zien, wij als mens niet.

Afgelopen donderdag samen met Anton vlindertelling Schollebos. Veel vlinders. Winnaars waren Klein Koolwitje en Bont Zandoogje, elk met tientallen exemplaren. Hoopvol is de uitbreiding van het Oranjetipje: het lijkt erop dat de populatie t.o.v. vorig jaar verdubbeld is. 

Oranjetipje (Anthrocharis cardamines; foto Rob van Dorland). Je ziet hier de onderkant van de vleugels: wit met brede, groene dooradering (zie vorig blog). Zachte winters (Oranjetipje overwintert als pop op plantenstengels) en volop waardplanten (Look-zonder-Look, Pinksterbloem en Raapzaad) doen dit prachtig vlindertje kennelijk goed.

 

 

 

 

 

 

Look-zonder-Look (Alliaria petiolata). Familielid van de Kruisbloemigen, nu net begonnen met bloeien. Op meerdere plaatsen langs paden volop aanwezig. Bij kneuzing van blad is een onaangename uiengeur je beloning. “Look” = Ui, alleen deze plant is geen uiensoort: Look-zonder-Look dus. Belangrijke waardplant voor Oranjetipje.

 

 

 

 

 

Een tweede ooievaarspaar? Het ooievaarspaar tussen ’s Gravenweg en Rijckevorselweg is lekker aan het broeden. Iets oostelijker (=richting Nieuwerkerk) is zo’n 2 jaar geleden een nieuwe ooievaarspaal geplaatst. Frank Oling maakte deze foto: 2 ooievaars zichtbaar: een nieuw paartje?

 

 

 

IJsvogelnieuws: de IJsvogel wordt weer vaak gezien in Schollebos, zowel in west (vlak achter Capelseweg) als in oost. Rob van Dorland betrapte zelfs een paartje (locatie houden we geheim ivm verstoring). Na 2 jaar geen vastgestelde broed, nu weer hoop.

 

 

 

“Kapkunst”: bij de herinrichting van bospercelen zijn veel bomen gekapt (ziek, sta-in-de-weg-bomen, gevaar). De uitvoerders zijn soms creatief bezig):

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Gemeente als kunstenaar? Een gekandelaberde populier bij de Skatebaan (alle takken, behalve hoofdtakken gesnoeid) werd voorzien van zo’n 50 mezenkastjes. Grappig, maar daar zullen geen 50 mezenpaartjes gaan broeden. Overigens geen primeur: langs ’s Gravenweg Nieuwerkerk ook een dergelijk kunstwerk (op privetuin).

 

 

 

 

 

 

Nu nog wachten op terugkeer uit overwinteringsgebieden van Kleine Karekiet, Visdief, Boeren-, Huis- en Gierzwaluw, allen trouwe Capelse vogelburgers…

Aanvulling: 2e paasdag een Cetti’s Zanger gehoord langs ijsvogelvijver: wordt waarschijnlijk nieuwe broedsoort in Capelle. Schuw vogeltje, je ziet hem zelden, maar zijn zang is onmiskenbaar.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.