Zegt het voort!

blog archief

24 10 2018 Bossen veranderen

Onze bossen moeten veranderen 

De afgelopen jaren horen we steeds meer over afstervende bossen in Nederland. Het gaat dan vooral om percelen met monocultures van essen, een boomsoort die erg gevoelig blijkt te zijn voor essentaksterfte. Maar we hebben al langer te maken met zieke bomen: iepen verdwijnen door iepenziekte, paardenkastanjes door bloederziekte, en uit platanen breken grote takken door de massariabacterie.

Maar dat is niet de enige reden dat het slecht gaat met bossen. Een droge zomer zoals die van dit jaar hakt er ook flink in. En met de klimaatopwarming gaan we dat steeds vaker meemaken. Door de Wageningen Universiteit is onderzoek gedaan naar de vraag of met de klimaatopwarming (tot 3,7 graden in 2085?) boomsoorten op termijn wel overleven in onze contreien. Zelfs voor hoofdhoutsoorten als de beuk en zomereik is dat twijfelachtig.

Met al die stervende bomen ontstaat er groeiruimte voor uitheemse bomen en struiken, in bossen en plantsoenen aangeplant en verwilderend. Met name de zogenaamde invasieve exoten dreigen inheemse soorten te verdringen, in onze regio o.a. de hemelboom, de vederesdoorn, de Canadese kornoelje, de laurierkers en de haagliguster. Zo versterken boomziektes, klimaatverandering en vestiging van invasieve exoten, gezamenlijk de komende veranderingen.

De vraag is wat dit gaat betekenen voor de soortensamenstelling van onze bossen. En wat zijn vervolgens de gevolgen voor andere planten en dieren, die in onze bossen leven: zoogdieren, vogels, insecten, bodemdieren, schimmels en paddenstoelen? En moeten of kunnen we hieraan wat doen, of moeten we het op zijn beloop laten?

Het is hoe dan ook belangrijk onze monotone bossen om te vormen tot bossen, waar veel soorten bomen en struiken door elkaar staan. Het lijkt de vatbaarheid van essen voor de essentaksterfte te verminderen. Actief aanplanten dus op plekken, waar bomen en struiken afgestorven zijn!

Ook het kweken van ziekteresistente klonen is zinvol. En exoten, die niet meer uit Nederland gaan verdwijnen, zijn mogelijk goede vervangers voor verdwijnende inheemse soorten, in de eerste plaats aan die uit zuidwestelijk Europa als de laurierkers. Een nieuwe uitdaging voor alle bosbeheerders, ook die van het Schollebos (gemeente Capelle) en Hitland (Recreatieschap).