Zegt het voort!

blog archief

Groene parels in Capelle (2): De Heemtuin

Tussen de ’s Gravenweg en de Van Rijckevorselweg tegenover Kinderboerderij Klaverweide aan de ’s Gravenweg 327 ligt een bosstrook van bijna 2 hectare. Dit werd in 1960 in het oorspronkelijke Slagenlandschap aangelegd als een groene scherm tegen het uitzicht op de hoge flats ten zuiden van de Rijckevorselweg, ook wel bekend als de “Chinese Muur”.

Op de natte kleiige vruchtbare veengrond werden toen vooral essen en zwarte elzen en een aantal populieren en wilgen aangeplant. Zo is er een dicht elzen-essenbos ontstaan. In de noordelijke helft van dit bosperceel (langs de ’s Gravenweg, circa 1 hectare) is dit bosplantsoen wat dunner qua bomenbestand. Dit deel wordt sinds 1991 als Heemtuin beheerd door een enthousiaste groep vrijwilligers, eerst onder de bezielende begeleiding van Cas Heilker en na zijn overlijden door zijn vrouw Willie. Aanvankelijk werden ze geholpen door jongeren van de toen nog bestaande JeugdNatuurwacht Capelle. Vanaf 1993 zijn het vooral volwassen vrijwilligers en is de Stichting Heemtuin Capelle opgericht. Deze vrijwilligers zijn elke maandag- en zaterdagochtend met kleine groepjes in de weer met aanvullen van de houtsnipperpaden, snoeien, verwijderen van gevaarlijke of dode bomen en het aanbrengen van nieuwe beplanting. Helaas worden er in toenemende mate bomen, struiken en planten gepoot die niet in dit natte veenbostype thuishoren of zullen gedijen en vaak zelfs niet inheems zijn waardoor het woord “Heem” niet meer helemaal op zijn plaats is. SNC heeft een aantal jaren geleden adviezen uitgebracht over uit te poten heemplanten, maar daar is helaas niet veel gehoor aan gegeven.

Ook het Natuur- en MilieuEducatiecentrum “De Hooiberg” (onderdeel van Kinderboerderij) speelt een rol bij het beheer en onderhoud van de heemtuin. Op haar initiatief werd een mooie bijenstal gerealiseerd (de Hooiberg verzorgt natuurlessen voor basisscholen), gesubsidieerd door de gemeente. Voor de bijen zijn echter bloeiende drachtplanten belangrijk als voedselbron (nectar en pollen) en die zijn in de heemtuin niet overdadig aanwezig: het schaduwrijke bosplantsoen staat dat in de weg. De Hooiberg gaat proberen om inheems zadenmengsel te zaaien om de bijen te ondersteunen. Het lijkt ons beter (?) om langs de ’s Gravenweg een natuurvriendelijk bermbeheer toe te passen: knotwilgen in cyclus van 3 jaar 1/3e deel per jaar te knotten (belangrijke nectarbron in vroege voorjaar!) en bermen in te zaaien met inheems zadenmengsel en die maar 2x per jaar te maaien met afvoer van maaisel. Men moet een keuze maken qua beheer: nat veenbos of echt open heemtuin. Wat SNC betreft: nat veenbos combineren met insectenvriendelijk bermbeheer. Uiteraard zijn er diverse plantensoorten die dit schaduwbos wel aankunnen zoals Gevlekte Gele Dovenetel, Bosandoorn.

De heemtuin staat echter vooral bekend om zijn grote verscheidenheid aan paddenstoelsoorten waaronder een heel bijzondere:

Inktviszwam (Clathrus archeri). In november was die ook dit jaar weer te aanschouwen. Oorspronkelijk afkomstig uit Australië. Over hoe die hier in Nederland terecht is gekomen doen allerlei verhalen de ronde. Feit is dat een aantal jaren geleden deze heel zeldzaam was: uit heel Nederland en zelfs buitenland kwamen paddenstoelliefhebbers om deze in de heemtuin te fotograferen. Inmiddels is hij landelijk iets minder zeldzaam geworden. Behoort tot de Stinkzwammen (Phallales). Het vruchtlichaam begint als een “duivelsei” zoals op foto te zien is. Op de daaruit komende rode “inktvisarmen” zit een stinkend slijm waar vliegen op afkomen om zo de sporen te verspreiden.

Tijdens ons bezoek in november zagen we vele andere soorten. Een leuke soort:

 

Zwavelgeel Schijfzwammetje (Bisporella sulfurina).Je moet het maar zien. Deze zwammetjes op de kopse kant van een gezaagde boomstam zijn maximaal 1,5 mm in doorsnee. Niet zeldzaam, maar voor mij de eerste keer. Wie het kleine niet eert…

 

 

 

 

 

Een paar jaar geleden trof ik in de heemtuin ook dit juweeltje aan: Gestreept Nestzwammetje (Cyathus striatus). Kleine kommetjes (6-8 mm in doorsnee) met daarin “eitjes” van 1-2 mm. In die eitjes worden de sporen gevormd. De eitjes worden door regendruppels weggeschoten. Behoort tot de Buikzwammen (Gasteromycetes): de sporen worden als het ware in een gesloten buik (in dit geval dus in de eitjes) gevormd. Helaas dit jaar niet meer gezien, maar kan zomaar weer terugkomen. Is algemeen.

 

Qua vogels zijn de meest algemene tuinsoorten te spotten, maar paar jaar geleden heeft ook de Sperwer daar gebroed. Vermoedelijk is het gebied ook belangrijk voor diverse vleermuissoorten als jachtgebied (moet nog verder worden onderzocht).

Kortom: een Groene Capelse Parel, belangrijk als onderdeel van ecosysteem en bezienswaardigheid. Zeker voor kinderen: eerst Kinderboerderij en daarna struinen in de heemtuin!

met dank aan Willie Heilker (stichting Heemtuin) en Bart van der Waal (Natuur- en Milieueducatiecentrum “De Hooiberg”) voor nadere informatie.

 

 

 

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *