Zegt het voort!

  • Folder

    Het SNC heeft ook een folder

    Klik hier voor de pdf versie.

    .

    .

    Share Button

blog archief

Eerste wintergasten en kraaienslachtoffer

Qua vogels is het midzomer doorgaans een saai seizoen. Meeste vogels zijn uitgebroed en houden zich gedeisd om te ruien (een kwetsbare tijd!). Met het najaar gebeuren er weer spannende dingen. Paddenstoelen alom, maar ook de vogeltrek komt op gang.

De eerste “Capelse wintergasten” zijn er al. Al enige weken geleden zijn skandinavische Roodborstjes gearriveerd die nu door zang hun voedselterritoria proberen vast te stellen. In Schollebos hoor je ze nu overal met hun prevelend, ingehouden melodieuze zang. Zowel man- als vrouwroodborst zingen. Bij het verdedigen van hun winterterritorium gaat het er soms heftig aan toe, soms zelfs gevechten tot de dood aan toe! Onze ‘ eigen zomerroodborstjes’ zijn al grotendeels ook naar zuidelijkere oorden vertrokken.

 

 

Sinds ruim 1 week zitten er enkele Smienten op de”IJsvogelvijver”.

Smient (Anas penelope; man). Een echte wintergast uit Skandinavische toendra’s. Wordt ook wel Fluiteend genoemd naar het geluid dat mannetjes maken (“wieuuw”). Penelope was een  Griekse adellijke schone uit de oudheid waar uiteindelijk Odysseus mee trouwde. Wel een beetje vreemd dat juist een mannetjeseend daarnaar werd vernoemd, maar tegenwoordig kan alles: laten we het maar ‘Genderneutraal’ noemen… Maar mooi is ie wel!! In Schollebos ’s winters soms met vele tientallen. Op grotere wateren (bijv. Biesbosch) wel met duizenden.

 

 

 

 

Slobeend (Anas clypeata; man). Nederlandse algemene broedvogel, maar alleen ’s winters ook in Capelle (Schollebos) te zien, soms met tientallen. “Slobbert” zijn voedsel op door met zijn lepelvormige snavel vlak onder het wateroppervlak te slobberen. In groepjes altijd van veraf te herkennen: zij draaien al slobberend om elkaar rondjes in het water. Ook nu al een enkel paartje in “IJsvogelvijver”.

 

 

 

 

 

Dodaars (Tachybaptus ruficollis). Een kleine fuutsoort, algemene broedvogel in Nederland, maar in Capelle tot nu toe alleen ’s winters aangetroffen. Nu 1 exemplaar in Nieuwerkerkse Tocht. Erg schuw. Zwemt vlak langs rietoevers. Bij minste geringste onraad duikt hij onder en verdwijnt tussen het riet. Naam: “Dod” = pluim , “Aars” = achterwerk: de dod-aars heeft dus een bosje witte veren als een pluim bij hun achterste.

 

 

 

 

 

Jonge Houtduif. Een naar tafereeltje bij het dagelijkse uitlaten van mijn hond Bella. Vier kraaien hakten in op een jonge houtduif die echt niet meer kon ontkomen. Als natuurliefhebber zou ik moeten denken “dat is nu eenmaal de natuur, eten en gegeten worden”. Ook kraaien moeten eten. En het is wel een heel laat jong (houtduiven broeden wel 3-4x per jaar), dus kwetsbaar in het natuurlijk selectieproces (survival of the fittest). Als dierenarts vond ik echter dat dit een heel akelige langzame dood zou betekenen voor dit hulpeloze beestje. Heb me dus maar ontfermd over dit jong tot ongenoegen van de kraaien die me luid uitscholden voor deze misdaad. Tja, ook met hun kon ik me invoelen. Per slot van rekening moet niemand ook mij het brood uit de mond stelen… Het duifje was behoorlijk gehavend en had over het hele lichaam bebloede plekken. Al zijn staartveertjes was hij kwijt. Hij eet nog niet uit zichzelf dus voeren mijn vrouw en ik hem nu dagelijks geforceerd totdat die zelf heeft leren eten. Het doet hem goed en komt er wel. Het kippenhok van wijlen Sofietje heeft na de egel nu weer een nieuwe tijdelijke bewoner.

 

 

 

Share Button

One Response to Eerste wintergasten en kraaienslachtoffer

  • Jan van Wensveen says:

    Mooi om te zien dat hij zo liefdevol verzorgd word Ruud.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *