Zegt het voort!

blog archief

Ruud

Kleipoel en Engeltje of Duveltje?

Dinsdag eerst met firma Reijm uitvoerig contact gehad op locatie “Oude Ooievaarspaal” in Schollebos over het graven van een kleipoel voor de Huiszwaluwen langs de Bermweg. Was een nuttig gesprek (en niet alleen over de kleipoel). Gaat woensdag of donderdag gebeuren. Ga foto’s maken voor blog en (?) IJssel en Lek krant.

Later in de middag ontmoette ik Louis, een van mijn waarnemers. Samen een deel door Schollebos gelopen. Opeens een wel zeer opzichtige zwam op een oude omgevallen berk. Een overdreven dikke bult met bijzonder bochtige uitwaaieringen langs de vlakkere randen. Kennelijk is dat ook iemand anders opgevallen: in de bult heeft die een gezichtje gemaakt door er 3 gaatjes in te prikken. Ben er niet uit of het lijkt op een engeltje of een duveltje:

 

Berkenzwam (Piptoporus betulinus; foto Louis Weterings).

Algemeen op levende en dode Berken.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pinksterbloem (Cardamine pratensis).

De eerste bloeiende pinksterbloemen vandaag. Familie van de Kruisbloemigen (Nu = Brassicaceae = Koolsoortachtigen, voorheen = Cruciferae = Kruisbloemigen: de 4 kroonblaadjes kruiselings tegenover elkaar). Bloeit nu omstreeks Pasen, maar in de ‘Kleine IJstijd’ (paar eeuwen terug) pas omstreeks Pinksteren. Belangrijke waardplant voor het beschermde Oranjetipje, een dagvlindertje dat ook in Schollebos voorkomt, maar nog in beperkte mate.

 

 

 

Verder afgelopen dag: Sperwer, Buizerd op nest, Wijngaardslakken, vrolijke mensen, enz. Mooiste seizoen, genieten dus!!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Even bijpraten

Lente is zo’n belevenisvol seizoen, dat moeilijk in korte blogjes is te vervatten. Explosie van voorjaarsbloeiers, de eerste vlinders, paddentrek, voorjaarstrek van vogels, enz. Toch een poging.

Lente-excursie 7 april 2018 (foto Yvonne Commijs). Een schitterende lentedag. 20 Enthousiaste deelnemers. Voorjaarsbloeiers, Vogelzang, Wijngaardslak, Roodwangschildpad en een spetterende luchtshow van Buizerdpaar met jennende Kraaien.

 

 

 

 

 

 

Buizerdpaar tijdens lente-excursie boven Schollebos (foto Laurent Jedeloo). Vrijwel zeker weer broedend in Schollebos (locatie houden we geheim om verstoring te voorkomen).

Deze week zelfs 5 Buizerds tegelijk boven west-Schollebos . Geen idee hoe dit in elkaar zit: 1 paar met jong van vorig jaar (regelmatig 3 buizerds samen te zien) en 2e paar? Doortrekkers? (veel overwinterende buizerds keren in voorjaar weer noordwaards terug).

 

 

 

Zeker nog 3 paartjes Krakeenden, mogelijk (waarschijnlijk?) broedpaartjes in Schollebos? Een late wintergast , Beflijster, was afgelopen woensdag nog op Spartaterrein. Vandaag 2 Witte Kwikstaarten op weitje tussen pannenkoekenhuis en boerderij langs Bermweg.

Witte Kwikstaart (Motacilla alba).

In tegenstelling wat men zou mogen verwachten is deze voor Nederland algemene broedvogel in Capelle toch maar een zeldzame waarneming. Tot nu toe alleen maar toevallige en spaarzame waarnemingen. Foerageert op akkers, weilanden op insecten en is daar rennend op jacht te zien.Nestelt vooral in overdekte plekjes onder bruggen, dakgoten, langs oevers, enz. Er waren in voorgaande jaren wat meldingen van Witte Kwikstaarten langs Bermweg-Oost. Toch een  broedsoort in Capelle?

 

 

 

Bij de vaste broedoever van de IJsvogels in Schollebos is tot nu toe geen enkele broedactiviteit. Wel wat sporadische meldingen van IJsvogel. Zou voor het eerst sinds vele jaren zijn als ze hier niet meer zouden broeden. Nog even in spanning afwachten dus.

Daslook begint met bloeien: nog even en een prachtige witte bloemenzee met aangename uienlucht (maar geursmaken verschillen). Ga volgende week hiervan genieten!

Daslook (Allium ursinum). Een zogenaamde Stinseplant. “Stins” = oud-Fries voor ‘Stenen Huis’: alleen rijke mensen konden zich stenen huizen (kastelen, kloosters, herenboeren) veroorloven en verrijkten hun tuinen met planten uit vooral Middelandse Zee gebied (denk ook aan tulp, narcis, enz.). In Schollebos aangeplant en in voorjaar nu massaal aanwezig. Een beschermde plant. Heb ook deze week weer een paar chinese dames erop aangesproken nadat ze al tassen vol bladeren hadden afgesneden (zowel blad als uitje zijn eetbaar).

 

 

 

 

O.a. langs de oevers van de nieuwe vijvertjes achter de Capelseweg nu volop bloeiende Dotterbloemen. Nog even afwachten wat andere planten doen die SNC samen met vrijwilligers daar hebben geplant.

Dotterbloem (Caltha palustris).  Typische plant van natte oevers, lid van de grote familie van ‘Boterbloemachtigen’ (Ranunculaceae). Soms 2e bloei in nazomer.

 

 

 

 

 

 

 

Afgelopen vrijdag een uitstapje naar Zevenhuizerplas (o.a. Snor, Rietgors, Kleine Karekiet) en plasdrasgebied naast de Willem-Alexander Roeibaan (Tureluurs, broedende Kievieten, zingende Veldleeuwerik en paartje Geoorde Fuut).

Komende week: samen met gemeente en firma Reijm nieuwe kleiputten aanleggen voor de Huiszwaluwen langs Bermweg-Oost. Overleg met SBS over uitzending over gemeentelijke geldverspillingen. Afspraak met politie over milieuovertredingen Schollebos.

 

Nogmaals Beflijster en wat lentenieuws

U hebt al het filmpje kunnen zien van de Beflijster op het Spartaterrein Schollebos. Diverse vogelaars zijn ook de dag erna nog “op jacht” geweest met telelenzen. Het is immers een zeldzame waarneming, zeker voor Capelle. Voor mij was het mijn eerste Beflijsterwaarneming in Nederland. Kreeg diverse foto’s van Jan, Rob en Ben, waarvoor dank! Afgelopen donderdag gemaakt en… er waren zelfs 2 Beflijsters!

Beflijster (Turdus torquatus; foto Ben Pleij). Zoals de naam al zegt, een lijstersoort. In de vluggigheid gauw over het hoofd gezien als zijnde een man-merel. Duidelijk verschil is echter de halvemaanvormige witte bef net onder de keel. In Nederland uitsluitend een doortrekker: geen wintergast, geen broedvogel. Broedt in kustgebieden van Skandinavie, in Engeland/Ierland en delen van zuid-oost Europa. Overwintert o.a. in zuid-Spanje en Noord-Afrika.

 

 

Hier een foto van Rob van Dorland: het waren er twee!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De lente neemt nu een reuzensprong. Matige temperaturen, zon en neerslag wisselen elkaar af: een zegen voor  de flora. De eerste vlinders zijn gesignaleerd (Citroenvlinder, Kleine Vos), hommelkoninginnen zijn driftig op zoek naar nectar van voorjaarsbloeiers om daarna een plekje uit te zoeken (een verlaten muizenholletje bijvoorbeeld) om daar haar eitjes te leggen en een nieuwe kolonie te vestigen. Diverse stinsenplanten bloeien al zoals Vingerhelmbloem, Bosanemoon. Daslook staat hier en daar al in de knop en over een week of twee zal deze prachtige stinsenplant het Schollebos naar uien doen geuren. Kakafonie aan vogelgezang. Aanstaande zaterdag onze Lente-excursie: prachtig weer voorspeld, ik heb er zin in! U ook?

Bosanemoon (Anemona nemorosa). Behoort tot de familie van Boterbloemachtigen (Ranunculaceae)

 

 

 

 

 

 

 

 

Vingerhelmbloem (Corydalis solida).

 

 

 

 

 

 

 

 

Speenkruid (Vicaria verna)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Sleedoorn (Prunus spinosa)

Langs Spartaterrein nu volop in bloei. Bloei op de kale takken (dus nog geen bladgroei). Een pruimensoort (Prunus) en lid van de Rozenfamilie (Rosaceae). Zoals de naam “Spinosa” zegt: de struik heeft flinke doorns.

 

 

 

 

 

Echt Lente

Eindelijk echt lente op de kop af vanaf 21 maart. Zag mensen genieten in Schollebos. Gaat nu in razend tempo nadat de natuur zich had ingehouden vanwege kou en vorst. Mijn interessantste waarnemingen in staccato:

Kleine Watersalamander (Trituris vulgaris), man; foto wikipedia.

Een zeer algemene amfibiesoort in Nederland en ook in Capelle. Zelfs in kleine tuinvijvertjes!  Zelf heb ik een vrij grote vijver en vandaag zag ik een mannetje naar boven komen om lucht te happen. Zij overwinteren op het land in vochtige plaatsen (onder stenen, boomstompen, enz.). In voorjaar gaan ze weer te water om zich voort te planten. Eitjes worden een voor een afgezet op onderwaterplanten. De jonge nakomelingen verlaten in najaar het water om zich te verschuilen voor de winter. Voedsel: regenwormen, donderkopjes, muggenlarven en watervlooien. Prooidier van o.a. vissen, reigers, geelgerande watertor.

 

De eerste zingende Tjiftjaf (Phylloscopus  collybita). Een zomergast (broedt in zomer in Nederland) die overwintert in Zuid Europa en Afrika. Tegenwoordig ook overwinterende exemplaren (Klimaatopwarming?). Qua uiterlijk lastig te onderscheiden van andere Boszangers (geslacht Phylloscopus), maar het geluid van de “zang” is onmiskenbaar: “Tjiftjiftjaf”: ook een vogel die dus vernoemd is naar het geluid dat ze maken (een nederlandse stijlfiguur: Onomatopee).

 

 

 

 

 

 

Speenkruid (Ficaria verna)

Slechts 2 lentedagen waren nodig om het Speenkruid tot bloei te brengen. Al heel vroeg in het nieuwe jaar vormen ze al hun blaadjes die het zonlicht opnemen om energie op te slaan (dankzij het feit dat bomen pas veel later blad aanmaken krijgen ze dan ook dat zonlicht!). Familie van de Boterbloemachtigen (Ranunculaceae) en zich uitbreidend in Schollebos. De naamgeving ‘Speenkruid’: Speenkruid heeft wortelknolletjes die lijken op tepels (=Spenen).

 

 

 

 

Cetti’s Zanger (Cettia cetti). In Hitland-zuid de zeer kenmerkende zang van de Cetti’s Zanger. Zien van dit zangertje is lastig vanwege verborgen leven in dicht struikgewas. Tot enkele jaren geleden een zeldzame soort uit zuid-europa, maar oprukkend naar noorden (klimaat?). Nu dus ook al in onze omgeving.

 

 

 

 

 

Verder: Torenvalk, Grote Zilverreiger (beide Hitland), Ooievaar op nest (’s Gravenweg), Grauwe Gans met pullen (’s Gravenweg), Canadese Ganzen (’s Gravenweg), Grutto’s (langs IJssel), Koperwieken (Schollebos) en echt veel meer om van te genieten!

Vossennest in kruipruimte (gefilmd)

Vossen zijn slim en passen zich snel aan aan omstandigheden. Langs de Capelseweg enige tientallen meters van mijn woning heeft een vossenpaar de kruipruimte van één van mijn buren in beslag genomen. Ondanks de soms vervelende stankoverlast hebben de bewoners besloten om geen stappen te ondernemen totdat de jongen (3 stuks) definitief het nest verlaten hebben. Zij hebben een paar filmpjes gemaakt die ik graag laat zien. Ze staan hieronder.

Maart roert zijn staart

Dacht ik eindelijk richting lente te gaan, gaat het nu weer vriezen. Ik houd mijn hart vast voor de nu al bloeiende planten (narcissen, crocussen, klein hoefblad, maarts viooltje). Afgelopen maandag mijn eerste vliegende Hommelkoningin en donderdag een Dagpauwoog die uit mijn tuinschuurtje kwam. Ook een wesp op onze slaapkamer en een vlieg in de voortuin. Zingende Merel, Zanglijster, Boomkruiper, Heggenmus en zelfs een Zwartkop die hier heeft overwinterd. De Smienten langs de Rijckevorsselweg zijn verdwenen en weer op weg naar hun broedgebieden in de toendra’s. Het ooievaarspaartje wordt weer regelmatig op hun broedpaal gezien waar ze vorig jaar met succes 3 jongen hebben grootgebracht. Het “tpie” van de Scholekster is weer overal te horen.  Meerkoetenpaartjes maken weer stevige ruzies met elkaar om hun territorium af te bakenen en Futen zijn al aan het baltsen. Allemaal tekenen van naderende lente, joechei! Toch ook nog grote troepen Koperwieken en enkele Kramsvogels in Schollebos als echte wintergasten. Het Fluweelpootje (een echte winterpaddenstoel) is ook nog overal in Schollebos te zien.

Ooievaar met jongen vorig jaar. Normaliter is de Ooievaar een trekvogel die overwintert in Afrika. De nazaten van gefokte ooievaars in ooievaarsstations blijven steeds vaker in den lande overwinteren. Het Capelse paartje heeft hier overwinterd. Wordt vrijwel zeker weer een mooi broedresultaat dit jaar. Deze week vlogen ze thermiekend boven de Capelseweg vlak boven mijn huis, geweldig!

 

 

 

 

 

 

 

Bloeiende Narcissen bij entree Sportcomplex Schenkel.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

|Maarts Viooltje (Viola odorata). In Schollebos op enkele plaatsen. Een grote concentratie ten oosten van Schollevaartseweg. Inheems, maar ook als tuinplant te koop. Verspreiding vooral door mieren: de zaadjes hebben een mierenboodje, een eiwitpakketje waar mieren dol op zijn. Zij nemen de zaadjes mee naar hun ondergronds nest en voeren dat aan hun larven. De zaadjes zelf blijven over en kunnen het volgende seizoen weer ontkiemen.

 

 

 

 

 

Dan het “Abelenbosje” in het Schollebos. Betreft zo’n 0,5 hectare met een kleine 100 Abelen. Paar jaar geleden zijn langs voetpad alle abelen al gekapt vanwege omgevingsgevaar ( extreme scheefstand).  In de laatste januaristorm zijn nu daar ook nog eens  zo’n 8 bomen omgegaan. Het bosverband wordt daardoor verbroken en er zijn ook nog diverse abelen met scheefstand. Bij een volgende storm zouden er geheid nog meer abelen sneuvelen. Gemeente heeft kennelijk besloten om het hele Abelenbos te kappen. Is dus gebeurd. Blijven wel paar vragen over: 1) waarom is ook een gezonde tweestammige Eik geveld en 2) wat gaat de gemeente aan herplant doen. Gaan we dus opheldering over vragen.

 

 

Achter dit bankje een stronk van een gezonde stevige Eik: zinloze kap (of lekker veel geld opleverend?).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Andere waarnemingen: 2 buizerdpaartjes hoog vliegend boven Schollebos, Waterral, Houtsnip, Puttertjes, Sijsje, Groene Specht. Grote Zilverreiger Hitland.

 

 

 

Regen aan waarnemingen in Capelle

De recente stevige vorstperiode bracht de vogelwereld danig in de war. Op zoek naar voedsel lieten diverse soorten zich snappen door vogelaars.

Zwartkop (Sylvia atricapilla). Een algemene zomergast in Capelle. Normaliter overwinterend in Zuid Europa en Afrika, maar steeds vaker ook hier overwinterende exemplaren, zoals deze man-zwartkop in de tuin van Frank Oling. Ook weer een Zwarte Mees (Parus ater) vlakbij zijn woning aan de rand van Schollebos.

 

 

 

 

 

 

 

Meerdere meldingen van Kramsvogels.

Deze Kramsvogel (Turdus pilaris) werd door Arianne Burgers gesnapt in Schenkel. Het is een Lijstersoort en algemene wintergast uit Noord en Oost Europa. Kenmerkend geluid: “Tsjak-tsjak-tsjak”. Niet elke winter in Capelle. Begin winter vooral in duingebied foeragerend op Duindoornbessen.

 

 

 

 

 

En ook van Watersnippen meerdere meldingen (Schollebos).

Watersnip (Gallinago gallinago; foto: Vogeldagboek.nl). Is de meest algemene Snippensoort in Nederland. Een standvogel , maar voor zover ik weet zijn dit de eerste meldingen in Capelle. Zeer lange snavel (veel langer dan van andere snippensoorten). Kenmerkende zigzagvlucht. In zogenaamde zangvlucht maken ze een blatend geluid tijdens een schuine duik omlaag, veroorzaakt door resonerende staartpennen: daaraan heeft hij de bijnaam “Hemelgeit” te danken.

 

 

 

 

 

 

 

Ook de andere inheemse snip, de Houtsnip, werd in Schollebos diverse keren gezien.

Houtsnip (Scolopax rusticola; foto: vogeldagboek.nl). Snavel kleiner dan van Watersnip. Koptekening met dwarse strepen (bij Watersnip overlangse strepen). Standvogel, maar geen broedvogel Capelle. Vaak ’s winterse waarnemingen.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

En als klap op de vuurpijl een wel heel bijzondere waarneming door Wim Rijkaart van Cappellen:

 

 

Smelleken (Falco columbarius). Een heel kleine vertegenwoordiger van de Valkenfamilie (Falconidae). Broedvogel van Skandinavie en NO-Europa. In Nederland wintergast en doortrekker in kleine aantallen. Wim zag hem bij het Beijerinkgemaal in Schenkel. Wel knap om deze zomaar te herkennen, maar dat geldt voor mij….

Geveld

Had weer veel te melden, maar werd geveld door de griep (wel inge-ent!) met een longontsteking als complicatie. Zelf dus nauwelijks meer buiten geweest.

18 Februari nog met zijn vijven (3 bestuursleden SNC en 2 ervaren vogelaars) een ‘Biesboschdag’ (daar liggen mijn ‘Roots’) gehouden. ’s Morgens Dordtse Biesbosch, een kleine lunch in de Viersprong en ’s middags oversteken naar Brabantse Biesbosch. Allemaal “Plas-Dras-gebieden” met echt duizenden vogels. Duizend of meer Wintertalingen, uiteraard heel veel ganzen (Grauwe, Kol- en andere ganzensoorten), Grote Zilverreigers, Smienten, Pijlstaarteenden. Ook de eerste teruggekeerde Grutto’s,  Graspiepers. Zelf zag ik als enige de Cettizanger pontificaal in beeld. In Dordtse Biesbosch (niet in het deel van het bezoekerscentrum) een beverburcht en veel beversporen (glijbanen, voetsporen en gevelde bomen).  Was fantastisch weer, iedereen genoten. De Zee-arend ontbrak helaas, maar voor de echte natuurliefhebbers is het genoeg om te weten dat die er echt is! En oja: de eerst bloeiende Speenkruid!

Maar toen dus die griep die me nog steeds parten speelt. Moet volstaan met waarnemingen van anderen en die van in mijn achtertuin.

Martin en Bella zagen een Grote Zilverreiger in Schollebos nabij “Hondenstrandje”.

Grote Zilverreiger (Egretta alba). Nog niet zolang geleden een zeer zeldzame soort in Nederland. In Oostvaardersplassen vestigde zich de eerst broedende exemplaren. Inmiddels een vrij algemene soort geworden! ’s Winters waaieren ze uit in de Nederlandse polders waar ze soms met tientallen tegelijk te zien zijn. Regelmatig te zien in Hitland en af en toe dus ook in Schollebos.

 

 

 

 

Louis zag vorige week op klaarlichte dag een Vos (Schollebos achter Capelse Manege). Jan zag weer een Waterral. Veel waarnemingen van foeragerende troepen Koperwieken. In mijn achtertuin een troepje van 14 Puttertjes met 1 Sijsje ertussen, druk scharrelend tussen mijn (expres!) rommelige tuin. Ook weer 2 Holenduifjes (hoe mooi zijn die toch!). Ooievaarpaartje in weitje naast hun broedpaal (’s Gravenweg), Buizerdpaartje vliegt regelmatig achter mijn huis.

 

Holenduif (Columba oenas).

 

 

 

 

 

Tot slot: in een van mijn recente blogs had ik het over “Seeisies en Drijfseeissies”. John stuurde me een 3e categorie op: “Eeijs-seeissies”.

Meerkoeten verbaasd en verdwaasd op ijs (Hitland).

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Lentebode en… Klagen helpt???

In een van mijn laatste blogs klaagde ik over de weinige bijzondere/leuke winterwaarnemingen. Tja, ben nu eenmaal een Hollander dus…. Volgens mijn oudste zoon (leeft in Nieuw Zeeland) is er geen volk ter wereld die zoveel klaagt en dan vooral over het weer…. Maar dan de laatste week: een paar prachtige dagen en dus ook diverse leuke vogelwaarnemingen (ook vogels houden niet van slecht weer, laat dat toch maar eens gezegd zijn!).

Dodaars (Tachybaptus ruficollis). De kleinste futensoort. Broedvogel van Nederland, maar (nog) niet in Capelle vastgesteld. Alleen winterwaarnemingen, nu 1 exemplaar achter de boerderij langs Bermweg-Oost. Heel schuw. Foerageert vooral dicht bij oevers en bij minst geringste gevoel dat hij wordt bespied, duikt hij onder water om zich in de oevervegetatie te verschuilen. De naam: het is “Dod-aars” en niet “Do-daars”. “Dod” = pluim en “Aars” = achterwerk: een (witte) verenpluim bij hun achterwerk dus.

 

 

 

 

Grote Gele Kwikstaart (Motacilla cinerea). Lopend langs de achtertuinen van oostelijke noordrand Schollebos vloog een ‘langstaartig’ vogeltje de Nieuwerkerkse Tocht over. Mijn eerste reactie was “Staartmees”, maar hij streek neer langs de oever in het gemaaide riet. Het was dus de Grote Gele Kwikstaart. Zeldzame broedvogel in Nederland (snel stromende beken), en voornamelijk Wintergast en winterse Doortrekker. Bijna elk jaar ’s winters waarnemingen in Capelle. Zelfs waarnemingen in kleine tuinen (als er maar iets van water in de buurt is).

 

 

 

 

Jan van Wensveen spotte vandaag een Appelvink in Schollebos (bij natuurspeelplaats ‘Ravottia’).

Appelvink (Coccothraustes coccothraustes). Een broed- en  standvogel (hele jaar in – vooral oostelijk -Nederland). In Capelle alleen winterwaarnemingen. Is de grootste vinkensoort. Heeft een verhoudingsgewijs zeer forse snavel waarmee hij zelfs kersenpitten kan kraken! Als je aan wintervoedering doet, kan je hem zelfs een keer in je tuin spotten!

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Frank Oling had vandaag in zijn kleine achtertuin (rand Schollebos) een aantal Zwarte Mezen.

Zwarte Mees ( Parus ater). Een broed- en standvogel van Nederland, maar vooral in naaldbossen (niet in Capelle dus). Alleen winterwaarnemingen als ze – vaak in groepjes – wat rondzwerven op zoek naar voedsel. Lijkt oppervlakkig op Koolmees, maar bij goed opletten zie je de verschillen duidelijk.

 

 

 

 

 

 

 

 

De eerste echte Lentebode!

Klein Hoefblad (Tussilago farfara).

Voor veel natuurliefhebbers is het bloeiende Klein Hoefblad een van de allereerste lentebodes. Vandaag langs Spartaterrein in Schollebos mijn eerste bloeiende exemplaren. Algemeen. Lid van de grote familie Asteraceae (Asterachtigen), vroeger “Compositae” genoemd (Samengesteldbloemigen). Ook hier: elk lintje is een apart bloempje (Klein Hoefblad is dus ’n PLANT met vele BLOEMPJES).

 

Seeissies

Een flauwe grap: Amsterdammers kennen alleen maar “Seeissies” (alles dat vliegt) en “Drijfseeissies” (alles dat op het water drijft) als het om vogels gaat. Toch wel vreemd omdat Sijsjes vooral wintergasten zijn (broedvogel van Noord- en Centraal Europa), dus zo bekend zullen ze voor de gemiddelde Amsterdammer toch niet zijn…

Sijs (Carduelis spinus). Lid van de grote Vinkenfamilie. Mijn 1e winterwaarneming van dit jaar (Schollebos, noordrand). Zaten in zonnetje te foerageren op elzenproppen zoals hier op foto van Paul Sinnema (ook Schollebos). Kunnen gekruist worden met kanaries (ook een vinkensoort) net als met Groenling (ook nauw verwante vinkensoort). Vroeger werden Sijsjes , Groenlingen, Puttertjes vaak gevangen door Kanariefokkers voor verbetering van zang (Zangkanaries) of kleur (Kleurkanaries). Voor een derde categorie (Postuurkanaries) is voorzover ik weet geen gebruik gemaakt van wilde vinkensoorten.

 

 

 

Jan van Wensveen spotte deze week een Goudvink (Pyrrhula pyrhula) in Schollebos. Een inheemse broed- en standvogel (trekt niet ’s winters weg), maar nou niet direct in onze omgeving. Is voor zover ik weet 2e waarneming. ’s Winters trekken ze wat rond buiten hun broedgebied. Prachtige vogel!